Buxushagen Het Loo zijn doodziek.


Aantasting door Cylindrocladium buxicola.  Bron: poster van NBvB

Aldus de kop van een halve pagina groot artikel in mijn krant, De Gelderlander.
Met de opening van de boventuin (zie weblog 30 mei 2008) werd al gemeld dat ook de benedentuin aangepakt dient te worden. Een van de redenen is dat na 25 jaar toch wel sprake is van slijtage. Maar de krant lezend is er een reden bijgekomen.

De Buxushagen hebben de gevreesde schimmelziekte Cylindrocladium buxicola onder de leden. De schimmelziekte is meegekomen met de nieuwe aanplant in de boventuin. ‘Op 3 juli vorig jaar hebben we hier een enorme wolkbreuk gehad, waardoor de hele tuin onder water kwam. Daardoor hebben de sporen van de schimmel zich ook naar de benedentuin kunnen verspreiden. Die sporen zitten nu overal in de grond’ aldus Willem Zieleman.
Nu probeert men door regelmatig chemische bestrijding toe te passen de ziekte te vertragen. En men is op zoek naar een variëteit die goed tegen de schimmel bestand is. Verschillende variëteiten zijn nu al geplant in de nabijheid van de ziektehaard en de verder ontwikkeling van deze variëteiten zal moeten uitwijzen voor welke variëteit gekozen kan worden.
Voor meer over de ziekte verwijs ik graag naar de poster van NBvB, klik hier.

Gisteravond was het ook een item in het NOS journaal. Klik hier om te zien en horen. Toch even vermelden, want hoorde ik het goed… Het stukje sluit af, door de commentaarstem en niet door Willem Zieleman, met ‘…als er geen schimmelbestendige soort wordt gevonden kan de Buxus uiteindelijk worden vervangen door een andere plant die in vorm gesnoeid kan worden, bv Hulst’!  JH

Facebooktwitterlinkedinmail

6 reacties op “Buxushagen Het Loo zijn doodziek.

  1. Behalve Cylindrocladium buxicola is er nog een exoot die de Buxus aantast. Een mot, de 'Buxusmot' of Glyphodes perspectalis. De motten leggen massa's eitjes op Buxusstruiken, de 2 millimeter kleine rupsjes vreten van de blaadjes tot ze wel 20 keer zo groot zijn geworden en verpoppen tot vlinders. Van de Buxusstruiken blijft weinig meer over dan verdorde, ingesponnen takken.
    De Buxusmot komt van oorsprong uit Azië; en wordt al sinds 2007 in Nederland aangetroffen, tot nu toe vooral in de Bommelerwaard. Vanuit de Bommelerwaard rukt de mot met zo'n 5 tot 6 kilometer per jaar op om de rest van Nederland te koloniseren. Aldus een bericht van nieuwslog.nl.

    Meer tekst over en beelden van de rups, pop, mot en kaalgevreten Buxus op een Duitse webpage.

  2. Afgelopen vrijdagavond was er in het programma ‘Gardener’s World’ BBC II een item gewijd aan dit onderwerp.
    In de tuinen van Levens Hall, Cumbria werd alternatieve beplanting besproken.Ook binnen de buxusfamilie is er een iets resistentere soort, volgens de tuinman aldaar. Maar ook kwamen Ilex en Lonicera-soorten ter sprake.
    Snel maar even kijken via de Engelse ‘uitzending gemist’ dus.
    AvdD

  3. Ik heb de uitzending niet gezien, maar het gaat waarschijnlijk om de Chinese kamperfoelie, Lonicera nitida, geïntroduceerd door Ernest Wilson uit China. Wij zijn op dit moment bezig met reorganisatie-plannen voor de tuin bij het rentmeestershuis in Ophemert aan de Waalbandijk. Dat huis is een monument, dateert uit het midden van de 19de eeuw en heeft enkele monumentwaardige tuindelen, o.a. twee maal vier zeer oude taxussen op de hoeken van de voorgevel (wangen noemt men dat geloof ik in Groningen) en een aantal oude bomen. De tuin heeft ook formele delen die deels uit Lonicera-haagjes bestaan. Deze tuin is geen geregistreerd monument, dus is de plant die pas rond 1900 werd geïntroduceerd wel te gebruiken. maar als vervanger op Het Loo is dit dus geen optie. CO.

  4. Lonicera nitida en Ilex crenata hebben een andere groeiwijze en verhouten veel sneller dan buxus. In mijn ogen echt geen alternatief ze zijn gewoon niet voldoende klein te houden, zeker niet naast de miniversie van Buxus suffruticosa.
    Dan zou ik het nog eerder gaan zoeken in de halfheesters als Santolina, maar het blijft 500x niets.
    Bij het Loo heeft het natuurlijk immense gevolgen maar als er op bepaalde locaties nu eens een jaar of tien geen buxus staat, is dat in de lijn van de geschiedenis van het object nu zo’n onoverkomelijk probleem? Wat is tien jaar op driehonderd jaar geschiedenis! Vergeet niet, “We zijn slechts te gast” in onze historische tuinen.
    Gewoon een beetje experimenteren en teelt wisselen, goed voor de weerstand en de bodem. Wat rest is een mooi verhaal om over honderd jaar weer door te vertellen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Anti-Spam vraag: