De Wonderboom van Elswout


Elswoud De wonderboom (1776), Pieter van Loo  Bron: beeldbank Noord-Hollands archief

Het fenomeen ‘de wonderboom van Elswout’ en de afbeeldingen kende ik al wel, alleen de laatste afbeelding nog niet. En die is op een geheel eigen wijze charmant, vandaar deze weblog. De benaming wonderboom zal te maken hebben gehad met het grillige karakter. Al dan niet natuurlijk, want het zou een boombundel of boomboeket kunnen zijn geweest. Meer over dit fenomeen in onder andere Bijzondere boomvormen in historische parken van Lucia Albers.
Jan Holwerda


Gezicht op de wonderboom en de vijver op de buitenplaats Elswout (1791), Paulus van Liender  Bron: beeldbank Noord-Hollands archief


Gezigt op de zogenaamde Wonderboom, op de Hofstede Elswoud (1798-1803), Pieter van der Meulen Bron: beeldbank Noord-Hollands archief


De zoogenaamde wonderboom op Elswoud (1855), C. Gronemeyer Bron: Bijzondere Collecties Leiden

Facebooktwitterlinkedinmail

6 reacties op “De Wonderboom van Elswout

  1. Afgezien van de leuke plaatjes denk ik zo dat er sprake is (geweest) van zogenaamde afleggers. dat is een vorm van vegetatieve vermeerdering. Zware takken raken de grond, vormen daar spontaan wortels en aldus komt er een nieuwe boom. Deze methode wordt ook opzettelijk gedaan door takken naar de grond te buigen en daarover een laag grond. Natuurlijk doen niet alle soorten dit. JG

  2. Volgens mij moet het naast een bijzondere vorm ook een bijzondere boomsoort geweest zijn, ik denk dat alleen deze vorm niet genoeg is voor de naam wonderboom, is daar iets van bekend?

  3. Volgens de site Amsterdam Arcadia is dit toch de verklaring, aldus:

    ‘Wonderboom
    Veel van Elswouts bomen zijn meer dan 250 jaar oud: een ideale leefomgeving voor vogels die in holen broeden, zoals spechten, holenduiven, boomklevers en boomkruipers. In de oude en vaak holle bomen kunnen ze makkelijk een nest maken. Helaas zijn tijdens een zware herfststorm in 2002 tientallen monumentale bomen gesneuveld. Een daarvan was de Wonderboom: een reusachtige eik, die zijn takken en wortels in de meest wonderlijke vormen uitstrekte. Ook bosuilen voelen zich goed thuis tussen de oude bomen. En vleermuizen hebben hun intrek genomen in holle bomen en oude donkere gebouwen zoals de ijskelder.’

  4. De informatie op de website waaraan hierboven wordt gerefereerd kunnen we naar het rijk der fabelen verwijzen. Die wonderboom stond er namelijk al lang niet meer. Deze informatie is gebaseerd op een misverstand waardoor dit op die site terecht is gekomen. Bovendien was de wonderboom helemaal geen eik. Wat het volgens mij wel was, horen jullie nog. Ik heb hier uitvoerig studie naar gedaan. Maar wie wel eens in de duinstreek komt, weet welke bomen zo’n enorm licht gekleurd blad hebben en op een dergelijke wijze hun takken/twijgen laten uitlopen. Leuk is dat op dit weblog zowel de oudst bekende afbeelding van de boom is te zien (Van Loo 1776) als de laatst bekende afbeelding (Carl Gronemeyer, 1855). Dat geeft een indicatie hoe oud de wonderboom ongeveer moet zijn geworden.

    • Omdat daar een stuk argumentatie bij hoort en ik nog even tijd nodig heb om ook de laatste inzichten omtrent de wonderboom erin te verwerken. Nog even geduld dus s.v.p.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Anti-Spam vraag: