
Marie Cornélie van Wassenaer Obdam (1829), geschilderd door Jean-Baptiste van der Hulst (Collectie Twickel).
Na MORE Twickel dat opende op 12 september volgde meer Twickel met het verschijnen van een fantastisch boek op 30 oktober en nu nog meer Twickel met de tentoonstelling die opent op 6 november.
Ontdek het bijzondere levensverhaal van Marie Cornélie van Twickel in de tentoonstelling Marie Cornélie van Twickel. Het rijkste meisje van Nederland. Als dochter uit een van de rijkste adellijke families van Nederland groeide zij op in een wereld vol weelde, aanzien en bijzondere privileges. Maar hoe zag haar leven er werkelijk uit? Welke rol speelde zij in de samenleving van haar tijd en hoe was het om als jonge vrouw in deze bevoorrechte positie op te groeien?
De tentoonstelling brengt haar verhaal tot leven aan de hand van bijzondere objecten, historische verhalen en persoonlijke herinneringen. Daarbij staat niet alleen Marie Cornélie zelf centraal, maar ook de wereld om haar heen.
De tentoonstelling is tot stand gekomen door een bijzondere samenwerking tussen Rijksmuseum Twenthe en Stichting Twickel. Door de krachten te bundelen, konden de kunstcollectie, persoonlijke bezittingen, dagboeken en historische objecten van Marie Cornélie worden samengebracht.
Lees meer op de website van Historiek en die van Rijksmuseum Twente.
Marie Cornélie van Twickel. Het rijkste meisje van Nederland
Vanaf 6 november 2026 t/m 9 mei 2027.
Rijksmuseum Twente Enschede
Louis le Roy (1924-2012) was een Nederlandse landschapsarchitect en kunstenaar die internationale bekendheid verwierf met zijn vernieuwende visie op de relatie tussen mens en natuur. Hij ontwikkelde een werkwijze waarin natuurlijke processen en menselijke betrokkenheid het landschap vormgeven. Hij begon meerdere ecoprojecten in zowel binnen- als buitenland, waarvan de ecokathedraal in Mildam (1966) de bekendste is. Tot op de dag van vandaag worden zijn projecten actief onderhouden door vrijwilligers.
Tuinbrug op St. Annalands-Clingendaal bij ’s Gravenhage, ontwerp, plattegrond aanzicht en doorsnede, L.A. Springer (1881) (WUR Spec Coll)
Dit vierde deel in de reeks over de buitenplaatsen van Rotterdam neemt je mee naar de zomerverblijven van de Rotterdamse elite langs de Westzeedijk en de Maas. Na het succes van eerdere delen over Kralingen, de Rotte en de Schie, biedt dit boek opnieuw een schat aan verhalen over de huizen, hun bewoners en de rol die deze buitenplaatsen speelden in zowel de lokale als de vaderlandse geschiedenis. Met rijke illustraties en levendige beschrijvingen schetst dit boek een beeld van het elitaire leven rond Rotterdam, dat niet onderdoet voor beroemde buitenplaatsen landschappen zoals die langs de Vecht of de Utrechtse Heuvelrug. Hoewel veel van deze buitenplaatsen verdwenen zijn, resteren nog enkele iconische locaties zoals Villa Dijkzigt (thans het Natuurhistorisch Museum) en de prachtige Parklaan. Ik beschrijf een buiten in de Muizenpolder dat pas recent voor het eerst is beschreven.
Ludwig van Heek, textielfabrikant, stichtte een omvangrijk landgoedimperium dat langzaam in het collectieve geheugen dreigt te verdwijnen. Zijn grondbezit strekte zich uit over een aanzienlijk gebied aan de westelijke rand van de stad Enschede, van het zuiden tot het ver ten noorden van de stad.
Twickel is het grootste particuliere landgoed van Nederland, met een geschiedenis die teruggaat tot de veertiende eeuw. Grondslag van Twickel vertelt voor het eerst de geschiedenis achter dat succes: het grondbezit. Een verhaal dat zich uitstrekt van Den Haag tot Delden en van Franeker tot de Veluwe en gaat over eigenwijze rentmeesters, sterke vrouwen, grote idealen en diepe drama’s. Vanaf de middeleeuwen tot nu, zevenhonderd jaar lang.
Met zijn boek Menkemaborg, kasteel op de klei heeft historicus Martin Hillenga de twaalfde sKBL-Ithakaprijs gewonnen. De prijs werd donderdagmiddag uitgereikt op Op Hodenpijl in Schipluiden.

Het Nationaal Restauratie Centrum kent de opleiding Hovenier Historisch Groen. Deze opleiding combineert theorie en praktijk, hetgeen direct wordt toegepast tijdens de lessen, die op steeds weer een andere buitenplaats of landgoed plaatsvinden. Voor de 5e leergang worden nog deelnemers gezocht. Afgelopen jaren namen hoveniers, tuinbazen, maar ook beleidsmensen en tuin- en landschapsarchitecten deel. Verspreid over 4 jaar zijn er 30 lesdagen op 30 verschillende locaties met groen erfgoed. Meer informatie over de inhoud van de acht blokken/modules en heel veel meer vindt u hier: