Tentoonstelling Door de Bomen het Bos

uit de nieuwsbrief van Bibliotheek Wageningen UR:

De tentoonstelling toont een selectie van de mooiste en meest bijzonder geïllustreerde publicaties over bomen en bos van 1500 tot 1950. We zien hoe het denken over bomen en bos zich heeft ontwikkeld in de loop der eeuwen. Op oude prenten en kaarten zijn Nederlandse bossen afgebeeld. Met hulp van technieken zoals stereo- en luchtfotografie is bos bestudeerd. Bijzonder is een losbladige publicatie waarin van honderden bomen een flinterdun schijfje hout in een papieren velletje is gemonteerd.

Vanaf de Klassieke Oudheid zijn bomen vooral beschreven door artsen in kruidenboeken waarin het uitgangspunt de medicinale werking van gewassen is. In oude landbouwliteratuur wordt aandacht besteed aan het aanplanten en vermeerderen van bos. Al vanaf de Middeleeuwen is bos bedreigd door overmatige houtkap voor scheepsbouw en beweiding door vee. De belangstelling voor exotische bomen en hout wordt gevoed door de toevoer via overzeese contacten en handel. In de achttiende eeuw probeert men in Frankrijk en Duitsland het economisch bosbeheer op een hoger plan te tillen. Geïnspireerd door de landschapschilderkunst is er vooral in Engeland aandacht voor het vergroten van het xe2x80x98picturesquexe2x80x99 effect van (park)bossen. Rond 1800 verschijnen er encyclopedische overzichtswerken met gekleurde platen van alle bekende in- en uitheemse bomen. Aan het einde van de negentiende eeuw zien we dat de overheid steeds meer de rol gaat overnemen van particuliere landeigenaren in de aanleg van bossen op woeste gronden zoals zandverstuivingen. Onder invloed van Jac.P. Thijsse en anderen wordt de natuurbeleving van bos gemeengoed voor iedereen in de twintigste eeuw.


Detail met den nietige mensch aan den voet van gigantische boomen.

Facebooktwitterlinkedinmail

4 reacties op “Tentoonstelling Door de Bomen het Bos

  1. Goed om dit eens onder de aandacht te brengen in onze tuinhistorische beleving. In de 19e eeuw hebben echt enorm veel landgoederen met ontwikkelingen op het gebied van bosbouw te maken gehad. De ontwikkelingsgeschiedenis van de bosbouw is in mijn ogen niet los te koppelen van een tuinhistorische waardering. Juist op landgoederen waar veel, met name grote, beheerinstanties nu teruggrijpen naar natuur en inheemse soorten. Juist die uitheemse soorten zijn te vinden op de landgoederen, juist daar waar nut met sier een enorm raakvlak hebben. Zeg nu zelf zo’n productie bos van Thuja plicata op een landgoed is echt iets anders dan een bosje grove dennen op de Veluwe. De achtergronden, vaak uit Duitsland, in reactie op de problematiek van de ontginning van de woeste gronden en gebrek aan compostering is een weldoordachte ingreep en was destijds revolutionair. Mooi stukje cultuurhistorie wat we niet echt kennen of waarderen maar nu vaak een belangrijke drager van de natuurwaarden zijn geworden.

  2. ‘Door de bomen het bos’ of ‘Door de bossen de bomen”? Gaat het hierom? Ik zou wel eens een lezing over bosgeschiedenis willen horen, en dan wel van iemand die ook oog heeft voor de zaken die Richard hierboven aandraagt. De laatste tijd zijn er veel productiebossen (neem alleen maar de Douglas sparrenbossen) verdwenen in ruil voor bijvoorbeeld eikenbos of eikenbeukenbos, mooi, maar de geschiedenis van die 19de eeuwse productiebossen moet natuurlijk ook weer niet helemaal verdwijnen. Ook het Platform Groen Erfgoed heeft dit onderwerp Bosgeschiedenis al genoemd als toekomstig thema voor haar bijeenkomsten. Is het misschien een idee om deze tentoonstelling (t/m eind maart) en de bijeenkomst van Groen Platform (begin april) op elkaar af te stemmen en gecombineerd in Wageningen aan te bieden? Wie speelt hierop in? Bibliotheek WUR of Groen Platform of Cascade? CO

  3. Ik heb vorig jaar een kleine cursus gevolgt bij de stichting probos, een goede partij op bosbouwkundig gebied. Hiervoor was Patrick Jansen de cursusleider met veel verstand van cultuurhistorische elementen. Ik ben gericht naast de bosbouwers gaan zitten om te ervaren welke delen van historische tuinen de bosbouwers en landschappen nu aan wijzen als bos maar in onze beleving nog tuin zijn. De uitkomst was een onthutsende bevestiging van mijn vermoeden. Tussen de tulpenbomen spraken we over het bosbeheer zonder dat iemend het vermoeden had dat we in een landschappelijke aanleg stonden. Helaas is dit de praktijk. Op De Viersprong heb ik het historische bosbeheer in kaart gebracht en dit in het beheerplan ingepast. De bosbouwer en parkbeheerder liggen nog te ver uit elkaar, weer iets om aan te werken!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Anti-Spam vraag: