Bij toeval las ik in het gemeentearchief van Zeist een briefje van de Douairière van Loon, geb. Voombergh, aan de burgemeester van Zeist, de heer C. Costerman. De brief is gedateerd 12 december 1891. Mevrouw Van Loon bezat de buitenplaats Hoog Beek en Royen aan het begin van de Driebergseweg, op de hoek met de Laan van Beek en Royen. Wat was het geval? Mevrouw antwoordt op het verzoek van de gemeente om het eigendom van het voetpad in de Laan van Beek en Royen af te staan. Zij schreef: … moet ik tot mijn leedwezen mededeelen, dat ik niet genegen ben het eigendom van het voetpad … af te staan aan de gemeente, noch toe te staan dat dit pad worde hard gemaakt omdat dit niet geschieden kan zonder schade voor de boomen …
Ik vraag mij af om welke verharding – met schadelijke gevolgen voor de bomen – het zou kunnen gaan, anno 1891. Wie weet het antwoord?
Karen Veenland-Heineman





Huys en Thuyn van de Generael Weck tot (ca. 1700), Mattheus Berkenboom Bron: Geheugen van Nederland
Gezicht op Nijmegen uit het Noorden – Urbs Imperialis Noviomagum Gelrie Primaria (1683), Jan van Call
OVERGENOMEN
Dat de tentoonstelling er al jaren aan zat te komen wisten we dankzij Martin vd B al. Vanaf 19 februari is het dan zover: Een koninklijk Paradijs – Aert Schouman en de verbeelding van de natuur.