Henning, Biljoen en Beekhuizen


La Grande Cascade à Biljoen ; vue de près, met opdracht (Bron: Christies, groot).

Beekhuizen en Biljoen duiken geregeld op binnen Cascade. Niet alleen omdat het tuinhistorisch overbekende namen zijn, maar ook omdat ons logo geïnspireerd is op de prent La Grande Cascade à Biljoen ; vue de près van de hand van Christian Henning (zie weblog dec 2005).

Ook nu weer even aandacht voor deze prent uit een serie van zes. Omdat zo’n set vorig jaar weer eens geveild is, zie hier. In de beschrijving is er veel aandacht voor de opdracht op de verschillende prenten. Die opdrachten vind ik ook terug op de sets in het Rijksmuseum (hier), Gelders Archief (hier) en Geldersch landschap & kasteelen (hier).


La Grande Cascade à Biljoen ; vue de près, met ‘J.G. Michaël architect‘ (Bron: Christies, groot).

Als ik de prenten in de verschillende beeldbanken vergelijk dan denk ik dat er twee verschillende set van zes zijn. Eén met op ieder van de zes een opdracht en één met rechtsonder de afbeelding ‘J.G. Michaël architect’. Naast de sets van zes zijn nog andere losstaande prenten bekend (zie in genoemde beeldbanken).

Als datering wordt meestal ca. 1790 vermeld. De vroegste vermelding met een jaartal vind ik in Lijst van uitgekomen boeken, kaarten, prentwerken enz uit 1790-1793 met onder ‘maij 1793‘: Zes Konstplaaten, of Gezichten van het Adelijk Slot Biljoen in Gelderland, bij Arnhem. Voor Liefhebbers van Vaderlandsche Natuurlijke Schoonheden. Door den Konstschilder C. Henning, benevens een Bericht van voorn. Slot. te Amft. bij J. Helders en A. Mars.  f 7 4
Dit sluit basistekeningen gemaakt ca. 1790 natuurlijk niet uit.


Bericht en band (Bron: Christies)

Tot slot. In de beschrijving valt te lezen ‘work is also bound with an extremely rare pamphlet – not traced by us in any library‘. Een gescande versie van dit schrijven of ‘Bericht’ kunt u bij Gelders Archief lezen, zie hier.

En o ja, genoemde ex libris van Vincent van Gogh is ook leuk. Zoals valt te lezen niet dé Van Gogh, maar zijn neef.
Jan Holwerda

Staatsbosbeheer vrijwilligers herstellen ‘Pompejaanse’ bank op Duinlust

(GETIPT)
Uit de nieuwsbrief van Stichting Ons Bloemendaal:

Herstelde ‘Pompejaanse’ bank op Duinlust

In maart hebben vrijwilligers van Staatsbosbeheer met vereende krachten de zogenoemde ‘Pompejaanse’ bank op Duinlust opgeknapt en in ere hersteld. De holronde gemetselde tuinmuur is aan beide zijden uitgegraven en het hout van de rondlopende bank is waar nodig vervangen en opnieuw gelakt.
Fietsend over de Duinlustweg straalt de bank je nu al van verre toe, links van het grote huis. Er zelf even op zitten om te genieten van de rust kan ook: vanaf de portierswoning aan de Duinlustweg bij ingang Middenduin is een rondlopend wandelpad door het park naar de bank en weer terug. De oorspronkelijke tuinaanleg met holronde tuinmuur dateert al van 1882 en is van de hand van de Duitse landschapsarchitect C.E.A. Petzold.

In 2013 heeft Staatsbosbeheer de muur al eens grondig laten restaureren en een nieuwe bank laten maken. Toen op initiatief én met financiële steun van Stichting Ons Bloemendaal. Op een weblog van het Tuinhistorisch Genootschap Cascade ontstond in die tijd een uitgebreide discussie over de term ‘Pompejaans’ met als conclusie dat het geen Pompejaanse bank kan zijn, want de bank moet dan zelf op zijn minst van steen zijn. Ooit schijnt iemand in een rapport deze naam gebruikt te hebben en sinds die tijd noemen wij de bank zo. Tuinhistorisch verantwoord, Pompejaans of niet: met dank aan Staatsbosbeheer en de vrijwilligers is de bank nu weer voor jaren een lust voor het oog. Nu rijst een nieuwe vraag: waar diende de gelijkzijdige zeshoek op de voorgrond voor?


Waartoe die gelijkzijdige zeshoek voor de ‘Pompejaanse bank’ op Duinlust

Cascade bulletin 2023 in de bus

Het Cascade bulletin 2023 is in de bus gevallen. Met
Abraham Salm en Hugo Poortman op het bureau van Édouard André, van Remco van der Kuijp
Johann David Zocher (Straatsburg 6 december 1764 – Baarn 15 mei 1817). Correcties en aanvullingen aangaande ‘onze’ J.D. Zocher sr., van Jan Holwerda
Twee stadsparken, twee geschiedenissen, wat zegt de confrontatie ons?, van Kees van Dam
Aanvullende informatie over hovenier en landmeter Daniel Engelman, van Henk van der Eijk
Een ‘zierlijken bloementend’, bloementheaters en auricula’s, van Jan Holwerda

Waarom we de follie zouden moeten omarmen

Je buurman zal het maar in z’n voortuin hebben staan: een follie. Een vaak protserig bouwwerk waarin hij al z’n ziel en zaligheid heeft gestoken. De Donderberg Groep wil dat we de follie omarmen in plaats van uitspugen.

Gisteren op NPO Radio1, in Villa VdB van MAX. Daar lichtte Wim Meulenkamp het fenomeen toe. En tegenwoordig is dat met webcam. Dus in woord en beeld kunt u hier terugkijken en luisteren: klik hier.

Tentoonstelling Buiten op Landgoed Duivenvoorde


Duivenvoorde (Voorschoten)

(OVERGENOMEN deels)

Vanaf 25 april presenteert Kasteel en Landgoed Duivenvoorde een nieuwe tentoonstelling: Buiten op Landgoed Duivenvoorde. De tentoonstelling is niet alleen binnen maar ook buiten het kasteel te zien. In het kasteel wordt een zeer bijzondere collectie kaarten en tekeningen van tuinontwerpen getoond, buiten op het landgoed zijn allerlei activiteiten die het historische verhaal van de tuinen en het landgoed vertellen. In het kasteel ervaart de bezoeker de ontwikkeling van deze bijzondere tuinen, het gebruik ervan door de familie en het vele (personeels)werk dat erachter schuil ging, aan de hand van foto’s, jurken, schetsboeken en bijna honderd andere persoonlijke objecten uit de familiecollectie die nooit eerder aan het publiek zijn
getoond.


Vogelvlucht en randprenten Duivenvoorde (ca. 1717, Voorschoten)

Het kasteel bezit een bijzondere collectie kaarten en ontwerptekeningen van de tuinen zoals die in de loop van de eeuwen ontstonden en werden vastgelegd óf niet verder kwamen dan de ontwerptafel. Deze collectie kaarten geven een unieke inkijk in de ontwikkeling van Duivenvoorde als historische buitenplaats. Ooit werd het ruim 550 ha (tegenwoordig 270 ha) grote landgoed met donjon (middeleeuwse verstrekte woontoren) door de familie Van Wassenaer gekocht als jachtgronden, in de eeuwen die volgden ontwikkelde het tot een ware buitenplaats met het kasteel en de tuinen als centrum en het landgoed als buitenste ring daaromheen.

Het tuinpersoneel onderhield, onder leiding van de tuinbaas, het landgoed en de tuinen, maar moest het ook in geval van brand beschermen. Kasteelheer Hendricus Adolphus Steengracht (1836-1912) was trouw bezoeker van landbouwtentoonstellingen en hij ging, wat betreft tuinmaterieel, met zijn tijd mee: hij kocht voor zijn tuinbaas de eerste gemotoriseerde grasmaaier. De grasmaaier is er helaas niet meer, de rekeningen en het verhaal nog wel. De tentoonstelling Buiten op Landgoed Duivenvoorde is vanaf 25 april tot en met 15 september 2024 te bezoeken.

Voor tickets en informatie over alle activiteiten rondom de tentoonstelling:
www.kasteelduivenvoorde.nl

 

Promotie Waardenburg en Neerijnen

(OVERGENOMEN)

Waardenburg en Neerijnen. Biografie van een kasteelensemble.
woensdag 24 april 2024, 10:30

Promovendus: drs. C. Dell’Aira
Promotor(s): prof. dr. A.M. Koldeweij, prof. dr. H. Ronnes (UvA)
Organisatie: Radboud Universiteit, Faculteit der Letteren
Locatie: Aula
Comeniuslaan 2
6525HP Nijmegen

Ten noordoosten van Zaltbommel, aan de overkant van de rivier de Waal, ligt het landgoed Waardenburg en Neerijnen. Op dat landgoed staan twee kastelen, die eeuwenlang met elkaar verbonden zijn, maar die uiterlijk veel van elkaar verschillen. Terwijl beide kastelen van middeleeuwse origine zijn, ziet het ene eruit als een romantisch middeleeuws kasteel en het andere als een strak modern landhuis. Hoe komt dat? En vooral: wat betekent dat? In Waardenburg en Neerijnen. Biografie van een kasteelensemble wordt de geschiedenis besproken van het landgoed met de twee kastelen. Over hoe de rijke Bourgondisch-Habsburgse cultuur van kasteel Waardenburg door Oranje werd overmeesterd en verwoest. Hoe daarna een nieuw tijdperk aanbrak van moeizame wederopbouw en uiteindelijke bloei. Over de wisselwerking tussen beide kastelen, maar vooral ook over de symbiose tussen de actoren en hun kastelen. En over de buitenplaatscultuur die in Waardenburg en Neerijnen veel later op gang kwam dan in Holland, Utrecht en het oosten van Gelderland. Onderzoek toonde aan dat voor de perceptie van het kasteelensemble romantische opvattingen op basis van oude kronieken, sagen en legenden, van veel grotere betekenis zijn dan doorgaans wordt onderkend. Samengevat kan het kasteelensemble Waardenburg en Neerijnen worden bezien als een twee-eenheid in een tussengebied, een samenspel tussen noord en zuid, tussen toen en nu, tussen cultuur en natuur, en tussen adel en volk.