Harry Mulisch (Haarlem, 29 juli 1927 – Amsterdam, 30 oktober 2010)


Harry Mulisch in de koepel van Eindenhout (Haarlem). Klik op de afbeelding.
Bron: Gemeente Haarlem

Een jaar geleden, op 4 oktober 2009 poseerde ereburger Harry Mulisch bij wijze van inhuldiging nog één keer op dezelfde manier als meer dan 50 jaar geleden op dezelfde plek, in de gerestaureerde koepel of rotonde in Eindenhout (Haarlemmerhout).

Het koepeltje is het allereerste tuinornament van gewapend beton in Nederland.

De gemeente Haarlem werkt hard aan het opknappen van de Haarlemmerhout. Met de restauratie van het koepeltje blijft een markant monument voor Haarlem behouden.
Zie Koepeltje Eindenhout opgeleverd en Cascade weblog van 24 juli 2009.  CO

Facebooktwitterlinkedinmail

Ontwerpwedstrijd voor de Overplaats van De Hartekamp (Heemstede)

Oostelijk van De Hartekamp te Heemstede, aan de andere zijde van de Herenweg, ligt de Overplaats. Dit terrein is sinds 2005 in beheer van Landschap Noord-Holland. In 2009 werd de zichtas en daarmee de visuele relatie tussen het hoofdhuis van De Hartekamp en de Overplaats hersteld. Vervolgens werd in 2010, op dezelfde Overplaats, een nieuwe Zwitserse brug gebouwd en werd het 'ravijn' hersteld (zie hier en hier).

De al genoemde zichtas bood in het verleden uitzicht op een theekoepel. Vanuit deze theekoepel was aan de ene zijde dus zicht op het huis en naar de andere zijde zicht op de toentertijd nog natte Haarlemmermeer. De koepel is in de jaren 80 van de vorige eeuw afgebroken, maar de fundamenten liggen er nog. Nu wil Landschap Noord-Holland op deze plaats een toevoeging (een 'blikvanger'), iets wat de wandelaar of fietser nieuwsgierig maakt naar het terrein. Daartoe is een ontwerpwedstrijd uitgeschreven (zie hier). Het is overigens niet de bedoeling om er weer een theehuis te bouwen.  JH

Klik hier voor het Wedstrijdprogramma Ontwerpwedstrijd Overplaats.
Klik hier voor de Bijlage wedstrijdprogramma.

 .


De lokatie van de gewenste 'blikvanger' (en de oude fundamenten van de koepel).


Het herstelde 'ravijn' en de nieuwe Zwitserse brug.  Foto: Arthur Schaafsma

Facebooktwitterlinkedinmail

Hackfort en het project ‘Het levende Stinzenplanten Paleis’


Bosanemonen (Anemone nemorosa) en Oosterse sterhyacint (Scilla siberica).
Foto: Geert Overmars, www.dewarande.nl

In 2008 presenteerde Trudie Woerdeman op kasteel Hackfort haar boek Tuinieren met stinzenplanten. Dankzij een gift van een oudere Haagse dame met goede herinneringen aan Hackfort kan het boek nu zijn weerslag op Hackfort zelf krijgen. Er is een ontwerp gemaakt voor stinzenbeplanting in het negentiende eeuwse wandelbos langs de Baakse beek, met name het beekdal en de beekweide ten zuiden van de beek, en de twee heuvels in het weiland ten noorden van de beek. Ook wordt een versterking gerealiseerd van de stinsenbeplanting langs de oprijlaan en het voorplein.
Vorig jaar is bladafval verzameld en zijn bosanemonen en sneeuwklokjes gerooid en uitgezet in de moestuin. Het blad is nu compost, de planten zijn opnieuw gerooid en alles kreeg dit najaar met andere aangekochte bollen en planten zijn plaats. Meer details vindt u in een eerste krantenartikel, klik hier.

Een tweede artikel, klik hier, brengt de werkzaamheden opnieuw in beeld: tuinbaas Maarten Vos en tuinarchitect Trudi Woerdeman overleggend te midden van de aanleg. Komend voorjaar zullen de eerste bloeiende resultaten zichtbaar zijn en over twee, drie jaar moet het geheel als een romantisch parkbos overkomen, als beoogd in het  project 'Het levende Stinzenplanten Paleis'.  Met dank aan Maarten, JH

Facebooktwitterlinkedinmail

Tentoonstelling ‘Een Wintertuin herleeftxe2x80x99 (2)


Het zgn. wandelhof en de Oranjerie in de achtertuin van de Grand Bazar (1854)
Bron: Beeldbank Haags Gemeentearchief

N.a.v. van de tentoonstelling nog een en ander. In de bij de tentoonstelling verkrijgbare brochure wordt de Koninklijke Bazar van Dirk Boer genoemd. Dirk Boer was een van de kopers op de veiling. Een kas kreeg z'n plek in de tuin bij zijn Bazar en de prent hiervan geeft een goed beeld van die kas. Een tweede prent geeft een mooi beeld van mensen in de wintertuin (afgelopen vrijdag was de kledij toch wel anders).

In 1853 schrijft Wap in Astrea, maandschrift voor Schoone Kunst, Wetenschap en Letteren het volgende:
…die Galerij heeft thans een waarlijk betooverend perspectief gekregen: een wintertuin, met springende fonteinen uit bronzen kommen, een uitnemend kunstwerk van den Heer Schutz, te Zeijst, en met Oostersche palmen en vele andere uitheemsche gewassen, rijk van groen in breedgespreide takken. Die boomen en vreemde planten zijn ontleend aan de beroemde kassen van wijlen Koning Willem II., en het streelt den bezoeker, dat hij hier althans dit gedeelte terugvindt van de Kunst- en Natuurschatten, door dien doorluchtigen Verzamelaar echt-koninklijk bijeengebragt.

Dat fraaije perspectief is in eene soort van kristalpaleis, in Gothischen stijl, bevat en doet den ontwerper en uitvoerder alle eer aan. De indruk, dien men aldaar verkrijgt, is als die der schitterende paleizen uit de Duizend-en-één Nacht, doch te aangenamer, als men vaak daar buiten, niet den helderen Arabischen hemel, maar de nevelen van Nederland vindt.


De wintertuin aan de achterzijde van de Grand Bazar (1854)
Bron: Beeldbank Haags Gemeentearchief

In de tentoonstellingszaal van Het Loo, vastgeplakt op een tafel, liggen een aantal kopieën van de veilingcatalogus. Deze is ietwat verfraaid (of zo men wil opgeleukt): in kleur en met ingevoegde afbeeldingen. Een versie met geel kaft en aantekeningen van de veiling komt uit het Koninklijk Huisarchief. Een versie met blauw kaft uit Speciale Collecties Wageningen UR.
Voor een gescande versie, dus zwart-wit en zonder afbeeldingen, klik op de navolgende titel: Catalogue des plantes de serre chaude et de serre tempérée et d'arbustes de pleine terre, de feu Sa Majesté Guillaume II (1850).  JH

Facebooktwitterlinkedinmail

Tentoonstelling ‘Een Wintertuin herleeftxe2x80x99, Paleis Het Loo


xe2x80x98Een Wintertuin herleeftxe2x80x99  Foto: Arinda van der Does

Vrijdagmiddag 15 oktober werd, op Paleis Het Loo, de expositie xe2x80x98Een Wintertuin herleeftxe2x80x99, de exotische plantenwereld van koning Willem II geopend.

Koning Willem II (1792-1849) bezat, naast zijn grote schilderijencollectie, een grote verzameling van meer dan 3.000 exotische planten. Voor deze subtropische planten, die de Hollandse winters alleen binnen konden overleven, bouwde de koning aan zijn paleis op de Kneuterdijk in Den Haag ruime kassen. In 1850 werd deze verzameling geveild. De veilingcatalogus bevat o.a. planten als palmen, varens, bromeliaxe2x80x99s, citrusbomen en zeldzame boomvarens.

Aan de hand van de veilingcatalogus wordt die sfeer van de vroeg 19de-eeuwse wintertuin weer tot leven gebracht. Exotische planten, vazen en jardinières (plantenstandaards), aangevuld met bruiklenen, waaronder unieke porseleinen bloemétagères.

Zo'n wintertuin diende niet alleen als onderdak voor een botanische collectie, maar had ook een sociale functie: partijen, diners en andere evenementen vonden er plaats. De grote opkomst aan genodigden maakte het historische plaatje afgelopen vrijdag compleet. Rondwandelende, keuvelende mensen, met een drankje en een hapje, levende muziek op de achtergrond en dat alles te midden van exotische planten, porseleinen vazen, lantaarns en vergulde kaarsenkronen. Slechts vrij rondvliegende vogels ontbraken.  JH

Ter info, donderdag 18 november zal Cascade in het kader van het mini-symposium 2010 de tentoonstelling bezoeken. Aanmelden via de Cascade website ; zie verder ook de website van Paleis Het Loo.


xe2x80x98Een Wintertuin herleeftxe2x80x99  Foto: Arinda van der Does

Facebooktwitterlinkedinmail

Historische Tuinen_nu

Architectuurcentrum Makeblijde organiseert in samenwerking met de NVTL een debattenreeks (5-tal vrijdagmiddagen verspreid over 6 maanden) over de rol van de historische tuin in de hedendaagse landschapsarchitectuur: 'Historische Tuinen_nu'.

De eerste middag is op 22 oktober (15:00-17:00). Begrippen, theorieën, methodes, beleid en ontwikkelingen zullen naar voren worden gebracht door landschapsarchitect Peter Verhoeff, planoloog Jan-Willem Edinga, hovenier Kees Beelaerts van Blokland, historicus Ronald van Immerseel en beleidsmedewerker (consulent uitvoering monumentenwet) Mariël Kok. In de navolgende lezingen worden een aantal zaken uitgediept en op 18 maart 2011 zal een slotdebat plaatsvinden.

Voor meer zie Makeblijde: overzicht en details.

Facebooktwitterlinkedinmail

De tuinbaas en zijn buitenplaats

Net voor de pauze in het middagprogramma van het Platform Groen Erfgoed (over historische moestuinen) werd gisteren het eerste exemplaar van De tuinbaas en zijn buitenplaats: Werken in historisch groen overhandigd. Aan Kees Beelaerts van Blokland, voorzitter van het Gilde van Tuinbazen. Een boek geschreven door Gertrudis Offenberg en rijk geillustreerd met foto's gemaakt door Johan van Galen Last (natuurfotograaf, maar vooral ook tuinbaas).

24 buitenplaatsen, landgoederen en andere historische tuinen werden bezocht. Uitgebreid werd gesproken met de tuinbazen (tegenwoordig vaak beheerder, opzichter of zelfs groenmanager), een en ander werd in een cultuurhistorische context geplaatst en belangrijke horticulturele kennis werd vastgelegd.
Overigens was een 10-tal van de tuinbazen gistermiddag aanwezig, een ieder kreeg een exemplaar van het boek. Platform-deelnemers die het boek al kochten zullen al bladerend de heren en de dame in het boek opnieuw tegenkomen.

Tot nu toe enkel gebladerd, een prachtig boek. De beschrijving zegt: Alle aspecten van behoud en onderhoud van monumentale tuinen en parken komen aan de orde, niet alleen de keuze van beplanting, het onderhoud van bomen en struiken, maar bijvoorbeeld ook lastige wetgeving, arbeidsverhoudingen, publieksvoorlichting.

De tuinbaas en zijn buitenplaats: Werken in historisch groen
Gertrudis A.M. Offenberg xe2x82xac 29,95 ISBN 9789040077029
(zie ook uitgeverij Waanders)  JH

Facebooktwitterlinkedinmail

Rijmelarij op Beekhuizen (Velp)


Gesellschaftslinde uit Ideen-Magazin für Architecten, Künstler und Handwerker, J.G. Grohmann

In de dagboeken (1811-1830) van Willem de Clercq wordt (in de derde persoon) ook verslag gedaan van een reisje door Gelderland (aug 1815). Bezocht worden o.a. Rozendaal en Beekhuijzen.

In de avond van 17 aug. beklimmen ze den groten boom en de volgende dag wordt onder de kop Op den boom te Beekhuijzen des middags geschreven: Deze regels worden om dus te spreken tusschen hemel en aarde geschreven, want wij zitten twintig takken hoog in het midden van de takken, in een boom.

Wat later aten nu op een bordes geldersche pannekoeken en dronken van een fles slechte wijn, die hen echter tamelijk naar 't hoofd steeg, (N.B. derwijl de wijn slegt en hunne dorst groot was). Met een slok op gaat het verder met De vrienden waren vrolijk dochvhet gelukte hen echter den top des booms te bereiken en daar hunne ontmoetingen neder te schrijven en Na dat wij eindelijk Goddank heelshuids den befaamden boom afgeklommen waren zochten wij den weg naar Biljoen.

De volgende dag wordt het zoo vaak betwistte vraagstuk over de voortreffendheid van Rozendaal of Beekhuizen, ongetwijfeld met een spijkertje in de kop en met het belang van een herberg in de nabije omgeving in het hoofd, met de volgende rijmelarij verwoord:

Jan Borrel ging op reis met Pieter van der slok
Zij stonden zamen uittepluizen
Wat plaats met meerder regt de meeste menschen trok
Jan zei 't was Roozendaal en Pieter 't was Beekhuizen

In 't eind zei Piet tot Jan Houd op met uw gemaal
De zaak is duidlijk u te ontknopen
Beekhuijzen streelt mij meer. Het blinkt met groter praal
Daar kan men bij de baas nog thee en borrels kopen
Maar hier al heeft men zich ook nog zoo moê gelopen
Men vind geen enkle kroeg in 't pragtig Rozendaal.

Ter illustratie de Gesellschaftslinde (boven) uit Ideen-Magazin für Architecten, Künstler und Handwerker, J.G. Grohmann (eerder al in Ideenmagazin für Liebhaber von Gärten) en Le Vieux Chêne (de Oude Eik) d'Allouville-Bellefosse (Haute-Normandie, 50km oostelijk van Le Havre). Klik hier voor meer Allouville Bellefosse.  JH


Le Vieux Chêne d'Allouville-Bellefosse


Le Vieux Chêne d'Allouville-Bellefosse (2006)

Facebooktwitterlinkedinmail