Zevenster, een type sterrenbos


Kaartuitsnede Stadsbosch Assen (1877) met Oude Zevenster en Nieuwe Zevenster (Bron: Drents Archief)

Vorige week hadden Deyke v D. en ik het over de Zeverster als type sterrenbos. Deze benaming en de bijbehorene omschrijving komen uit de Handleiding voor het beheer van historische dreven en wegbeplantingen (2017) van het Vlaanderense agentschap Onroerend Erfgoed.

Betreffende zin luidt: Het aantal dreven in een sterrenbos was variabel. Een veel voorkomend type was de ‘zevenster’. Een ‘zevenster’ bestond uit twee ganzenvoeten, die elkaars spiegelbeeld waren, met een centrale dreef in het midden. Vandaar dat er slechts zeven dreven geteld werden (3+3+1=7), hoewel de ‘zevenster’ eigenlijk achtstralig was. Het op het eerste gezicht door elkaar gebruiken van ganzenvoet en sterrenbos gaf verwarring. Tot een tekening van het Vlaanderense voorbeeld van de Zevenster van kasteel Scheldevelde werd gevonden. Inderdaad een doorgaande dreef (oranje) met aan weerszijden een ganzenvoet (geel). Bekijk je de lanen geïsoleerd van zijn omgeving dan zou je het een sterrenbos met acht lanen noemen.

Dat onderscheid Zevenster en sterrenbos met acht lanen was ons onbekend. Kennen we Nederlandse voorbeelden met die naam was vervolgens de vraag. Na wat zoeken vond ik het Asserbos, een aanleg uit ca. 1780. Een kaart met het Stadsbosch uit 1877 laat zelfs twee locaties zien: de Oude Zevenster en de Nieuwe Zevenster. De eerste wordt doorsneden door de west-oost lopende Hoofdlaan, de tweede door de noord-zuid lopende Rode Heklaan. Deze lanen staan dwars op elkaar en snijden elkaar op het Rondeel. De Hoofdlaan onderscheid zich duidelijk als doorgaande laan tot buiten het Asserbos. De laan was gericht op de Abdijkerk, liep door tot aan/in Assen en was breder dan de andere lanen. En er is ook een kaart waarop de Hoofdlaan loofbomen als laanbomen kent terwijl de andere lanen naaldhout als laanbomen hebben.


De Zevensprong van Den Treek (1908, Leusden), een sterrenbos met acht lanen

Na nog wat verder zoeken kwam ik de Zevensprong van Den Treek (Leusden) tegen. Een sterrenbos met acht lanen dat Zevensprong heet. Voor het eerst op de top kaart van 1908, met een koepel in het centrum, maar geen doorgaande naar buiten lopende rechte laan. Zou het hier zo zijn dat wanneer je in een laan aan de rand van het centrum staat en je zeven andere lanen ziet, je een Zevensprong ervaart? (En ja er zijn ook Zevensprongen zijnde sterrenbossen met zeven lanen).
Jan Holwerda

 

Italiaanders als grotwerkers in Leeuwarden (1783)

In de Leeuwarder courant van 18 okt 1783 valt de volgende advertentie te lezen:
Alhier is gearriveerd Sinjeur TEFANELLI en Compagnie Italiaanders, hebben de Eer, aan de Heren en Dames te adverteeren, en bekend te maaken, dat zy in deeze stad Leeuwarden zyn aangekomen: om hunne bekwaamheden te doen kennen, in het maaken van alle zoorten van Schelpwerken, in Figuren, Bloemen, Vogels andere Gediertens hoe genaamt, zy maaken ook alle zoorten van Tuin Figuren en Cabinetten, als mede ook alle zoorten van Tafels, Schoorsteen Armen, Grotten en andere Werken, volgens de denkwyze der Liefhebbers, zy houden hun gerecommandeert in een ieders gunst: en zyn gelogeert ten huize van Jan Meinders in de Olifant op het Groot Schavernek in gemelde Stad.
Nou nog bedenken wat van hun hand kan zijn…
Jan Holwerda

Ridderpoppen? bij kasteel Holy (Vlaardingen)


Kasteel Holy (1738, Vlaardingen), Cornelis Pronk (Bron: AAG Auctioneers)

Taco H. bekeek de afbeelding van kasteel Holy (Vlaardingen) nog eens opnieuw (zie ook hier) en mailde: ‘Wat mij nog niet eerder opgevallen was, waren de twee figuren rechts van de toren. Die lijken veel te groot als je ze vergelijkt met de andere figuren, ook als je rekening houdt met het perspectief. Weet jij of er soms ‘ridderfiguren’ als pop in een tuin stonden, of vergis ik me hier?’
Die vraag leggen we bij deze maar bij het Cascade/internet publiek neer…

NTs-scriptieprijs

(OVERGENOMEN)
Er is veel jong talent in Nederland. Talent dat de Nederlandse Tuinenstichting (NTs) graag wil betrekken bij haar missie om waardevol groen erfgoed te behouden. Daarom roepen we een tweejaarlijkse prijs in het leven voor de beste afstudeerscriptie waarin dat groene erfgoed een belangrijke rol speelt.

De prijs bestaat uit een geldbedrag van 1.500 euro en een interview in het Tuinjournaal, het donateursblad van de NTs, en gaat afwisselend naar studenten uit het universitair en hbo-onderwijs. Bij de eerste NTs-scriptieprijs (2023) gaat het om de beste universitaire masterscriptie of het beste universitaire masterontwerp. De winnaar maken we in mei 2023 bekend.

Beoordeling
Een deskundige jury beoordeelt de inzendingen aan de hand van enkele selectiecriteria, waaronder inhoud en originaliteit, praktische toepasbaarheid, betekenis voor het werkterrein van het groene erfgoed, argumentatie en toegankelijkheid.
Deze jury bestaat uit:
– Johan Carel Bierens de Haan: o.a. voorzitter van Tuinhistorisch Genootschap Cascade;
– Heilien Tonckens: groenontwerper, tuin- en landschapsadviseur;
– Anne Wolff: docent Tuingeschiedenis en ontworpen Landschapsgeschiedenis en projectleider Kenniscentrum Landschap (RUG).

Om voor de prijs in aanmerking te kunnen komen, moet je de scriptie in 2021 of 2022 hebben afgerond en hiervoor minimaal een 8 hebben gescoord. Daarnaast moet de scriptie in het Nederlands of Engels zijn geschreven en een samenvatting hebben van maximaal 1.500 woorden.

Thema: groen erfgoed
Uiteraard moeten de inzendingen ook voldoen aan het thema ‘groen erfgoed’. Dat betekent dat de scriptie gaat over tuinen, parken, openbare groenvoorzieningen en landschappen die van cultuurhistorische waarde en van maatschappelijke betekenis zijn door bijvoorbeeld hun architectuur, vormgeving, inrichting of beplanting, dan wel over de ontwerpers of beheerders daarvan.

Aanleveren voor eerste NTs-scriptieprijs: uiterlijk 1 februari 2023
Wil je meedingen naar de eerste NTs-scriptieprijs?

Lever dan je masterscriptie of -ontwerp uiterlijk 1 februari 2023 digitaal in bij het bureau van de NTs (info@tuinenstichting.nl).

Het reglement van de prijs is te vinden op www.tuinenstichting.nl/reglement-nts-scriptieprijs/.
Vragen over de NTs-scriptieprijs kan je sturen naar info@tuinenstichting.nl of je kunt contact opnemen met de secretaris van het bestuur, tel. 06-46547307.

Masterscriptie Tuinieren in Stijl

Zag net de masterscriptie van Loeka van der Eijk: Tuinieren in Stijl. Interdisciplinair Onderzoek naar de Ontwikkeling van Tuinstijlen in de Nederlandse Achtertuinen, 1945-2022. In haar onderzoek volgt ze zes populaire tuinstijlen: de border-gazontuin, de rozentuin, de heemtuin, de rotstuin, de heidetuin en de moerastuin. Iedere tuinstijl wordt gevolgd van verleden tot heden waarbij de belangrijkste ontwikkelingen en invloeden in beeld worden gebracht.

De hoofdvraag luidde: ‘Hoe hebben de tuinstijlen in de Nederlandse achtertuinen zich ontwikkeld tussen 1945 en 2022 en hoe kunnen de ontwikkelingen in populariteit en mate van diversiteit verklaard worden aan de hand van de sociaal-culturele ontwikkelingen uit deze periode?’
Te downloaden via deze directe link.

Ontwerp Oraniënstein (Diez), P.W. Schonck

‘Project Teekening’ Oraniënstein (1783 Diez) – kopie S. Kampfer naar P.W. Schonck (Bron: Koninklijke Verzamelingen)

In De Nederlandse landschapsstijl in de achttiende eeuw van Heimerick Tromp staat een zwart-wit uitsnede uit een kopie van een ontwerp voor Oraniënstein (Diez) naar een origineel van Philip Willem Schonck (zie hier).

Contact met Duitsland (in 2012), omwille van een nieuwe scan voor het boek, leverde toen geen resultaat; ze konden de kopie niet vinden. Nu zie ik de ‘Project Teekening‘ van Schonck online, bij de Koninklijke Verzamelingen. Hoe mooi, het gehele ontwerp, in kleur. Linksboven staat: ‘copirt von Simon Kampfer 1783‘. Dat is ‘m dus, niet in Duitsland, maar in Den Haag. Kijk vooral zelf even online, om in te zoomen. Helemaal rechts is een menutje om de afbeelding te kantelen en/of op het volledige scherm te tonen; zie hier.

De bijbehorende beschrijving geeft aan dat het alleen bij een ontwerp is gebleven. ‘Toen Willem V in 1801 uiteindelijk zijn intrek nam in het slot liet hij de tuinen ontwerpen en aanleggen door F.L. von Sckell.’ Ook al was het een ontwerp voor een ‘woest en ledig leggende terrain‘, Schonck heeft het (vroeg) landschappelijke beperkt tot de vier perken, met ‘perkjes uijt het gazon irrigulier uijtgesneden‘ en ‘slingerpaaden‘. Lees vooral zelf de tekst in de rechteronderhoek. Zie verder ook de ontwerpen voor de boventuin van Het Loo, daar vanuit de toen bestaande aanleg, met handhaving van meer (zie hier) of minder (zie hier) van die oude aanleg. De invulling met de berceau doet weer denken aan het 50 jaar oudere ontwerp (ca. 1732) van Daniël Marot voor Huis ten Bosch (zie hier).

Na even verder zoeken vond ik in Duitsland ook het origineel, in het Hessisches Hauptstaatsarchiv. Enkele kleine verschillen, bv in de tekst rechtsonder en de maatbalk; zie hier of zo.
Mooi die combi internet en scans.
Jan Holwerda


‘Project Teekening’ Oraniënstein (1783 Diez) – P.W. Schonck (Bron: Hessisches Hauptstaatsarchiv)

Bank van Europa


De dubbelde linde laan na de bank van Europa op Zuyd wind (1749), Aart Schouman

Via een mail met verwijzing naar bovenstaande tekening met de ‘dubbelde linde laan’ op de buitenplaats Zuydwind (‘s-Gravenzande) werd geïnformeerd naar die ‘Bank van Europa’. Wat daar bij te denken?

Inzoomen laat een rijk gedecoreerde bank met een beeld vermoeden. De benaming doet denken aan Europa en Afrika bij Slot Zeist. Het andere tweetal, Azië en Amerika, wat aldaar ook stond is verdwenen. Tezamen zijn het de vier toen bekende werelddelen.

 


Europa en Afrika bij Slot Zeist

Zo’n viertal is ook bekend van het Beeldenhuis, Hendrikstraat 25 te Vlissingen. (zie standbeelden.vanderkrogt.net).


‘Beeldenhuis’ te Vlissingen.

De beelden hebben een aankleding en attributen die duidelijk maken welk werelddeel ze verbeelden. Bij Zuydwind was er blijkbaar de ‘Bank van Europa’. Mogelijk waren er nog drie banken, Afrika, Azië en Amerika. Hier dan geen beelden, maar banken die de toen bekende werelddelen symboliseerden.
Andere gedachten? Andere voorbeelden?
Jan Holwerda

Toevoeging: lees vooral de reactie, met hoe het werkelijk zit.

Schriftspiegel, Oud-Nederlandse handschriften

Dit boek werd gisteren in de weblog van Gelders Archief naar voren gebracht (zag ik via hun twitterbericht).

(OVERGENOMEN)
Voor wie zelf oud schrift onder de knie wil krijgen is het oefenboek Schriftspiegel wellicht een uitkomst. Twee oudgedienden van de Rijksarchiefschool, Peter Horsman en Peter Sigmond, hebben dit oefenboek, waarvan de eerste druk in 1985 verscheen, verbeterd en opnieuw laten uitgeven. Ze namen 134 teksten op in het boek, afkomstig uit alle hoeken en gaten van Nederland, dat wil zeggen afkomstig van vele archiefdiensten in Nederland. De teksten zijn voorzien van contextinformatie, een scan van het origineel en een transcriptie. De auteurs streefden naar een zo breed mogelijk variatie aan inhoud en type documenten. De didactische waarde van de teksten kreeg prioriteit bij de keuze van de teksten. Een uitgebreide inleiding bereidt de zelfstudent voor op wat hem of haar in de oude teksten te wachten staat, inclusief een woordenlijst.

Mooie is dat via Google Books een hele goede indruk van de inhoud is te verkrijgen, klik hier en blader maar eens.

J. Horsman & J.P. Sigmond. Schriftspiegel. Oud-Nederlandse handschriften van de 13de tot in de 18e eeuw, Hilversum, 2022. ISBN 978987049607 €35,00.

Een onbekende aquarel van Eyckenstein


Eyckenstein (1809-1817 Maartensdijk), Jan van Ravenswaaij (Bron: website Eyckenstein)

Even verwijzen naar een mooi online artikel van Ronald van Immerseel. Over een onbekende aquarel van Eyckenstein (Maartensdijk). Een aquarel met een groot aantal details waarvan geen andere afbeeldingen bestaan. Even doorklikken naar de website van Eyckenstein, klik hier. De in het artikel genoemde Aantekeningen van Maurits Jacob Eijck over Eyckenstein zijn te downloaden op de website van Online museum De Bilt, klik hier.

Dutch Landscape Designed: 1946-1954

Tentoonstelling in de leeszaal van WUR Library – Special Collections, 3 november 2022 – 3 maart 2023

U bent van harte welkom bij de opening op 3 november van 3 tot 5 uur. Inloop vanaf half 3 (VIP room Forum, begane grond). Wilt u ‘s middags komen, of met een groep? Stuur svp een e-mail naar speccoll.library@wur.nl.

Adres:
Leeszaal Special Collections, WUR Library
Wageningen University & Research.
Forum, Gebouw 102, 2e verdieping
Droevendaalsesteeg 2
6706KN Wageningen.
Openingstijden: maandag-vrijdag, 9.00 uur-13.00 uur.

Ontwerp van het Nederlandse landschap
0veral in Nederland kom je bomen en struiken tegen. Weinig mensen beseffen dat die samen deel zijn van een groots plan. De beplantingspatronen in het Nederlandse landschap zijn bijna geheel ontworpen en aangelegd in de wederopbouwperiode na de Tweede Wereldoorlog. Nu onderwerpen als stikstofvermindering, klimaatverandering en de transitie van het landelijk gebied in het middelpunt van de belangstelling staan is de discussie over een vernieuwde vormgeving van het landschap uiterst actueel. Tussen 1946 en 1976 werden door een klein groepje landschapsontwerpers van Staatsbosbeheer meer dan 450 landschapsplannen voor Nederland gemaakt. De landschapsplannen worden bij de Special Collections, een onderdeel van Wageningen University & Research (WUR) in Wageningen bewaard. Toen de bomen en struiken van die landschapsplannen geplant werden, waren ze klein en onopvallend. Inmiddels bepalen ze het beeld en het aanzien van een groot deel van het Nederlandse landschap.

Landschapsplan Nederland
Gastconservator Henk van Blerck promoveerde recentelijk op een onderzoek naar het “Landschapsplan Nederland”. Zijn belangrijkste conclusies zijn dat de schoonheid van het gevarieerde Nederlandse cultuurlandschap de belangrijkste drijfveer was voor de ontwerpers en dat het landschap is vormgegeven vanuit een beeldende visie op nationale schaal.

Dutch Landscape Designed: 1946 – 1954
In Dutch Landscape Designed: 1946-1954 wordt getoond hoe in deze jaren vakgebieden van de toenmalige Landbouwhogeschool (bodemkunde, geologie, geografie, bosbouw, cultuurtechniek, tuinkunst en plantensystematiek) aan de wieg stonden van het idee Landschapsplan Nederland. Nog tijdens de Tweede Wereldoorlog werd op basis van bundeling van die kennis voor de eerste keer een typologie voor het Nederlandse cultuurlandschap opgesteld. Er zijn originele landschapsplannen voor de zeven te onderscheiden landschapstypen te zien. Op deze handgemaakte tekeningen ziet u hoe de ontwerpers hebben geprobeerd om de eigenheid van de verschillende landschapstypen in het nieuwe landschap herkenbaar te houden. Ze voegden er zelfs nieuwe karakteristieken aan toe en creëerden zo nieuw landschapsschoon. Zeventig jaar later zijn de landschapstypen nog steeds herkenbaar in ons landschap. Bijvoorbeeld in het vlakbij de campus gelegen Binnenveld. Tip: ga zelf kijken of u het landschapsplan herkent.