
Het onderstaande bericht blijkt bij nader inzien te vallen in de categorie ‘fake news’. Lees eerst het onderstaande en zie vervolgens onder Reacties.
Gisteren zag ik een LinkedIn bericht van enkele dagen oud. Een bericht van Rijksmuseum Muiderslot (zie hier) over de aankoop van ’t Vermakelijck Landt-Leven. Den Nederlandtsen hovenier / Den Verstandigen hovenier (1683), van Jan van der Groen en Petrus Nylandt.
Ik citeer: ‘Extra bijzonder is dat de kennis uit Den Verstandigen Hovenier niet alleen historisch waardevol is, maar ook verrassend actueel! De maandelijkse instructies over zaaien, planten, oogsten en het gebruik van kruiden (volledig in samenhang met de natuur) sluiten nauw aan bij onze visie op duurzaamheid en biodiversiteit. Want net als in de 17e eeuw werken onze tuinvrijwilligers vandaag de dag volledig biologisch, zonder kunstmest, bestrijdingsmiddelen of verwarmde kassen.‘
Toen keek ik naar de foto van de titelpagina… Deze uitgave is nog veel bijzonderder!! De titelpagina staat vol zetfouten. Zo staat er J. van de GREEN i.p.v. J. van der Groen. En vergelijk de foto maar eens met de onderstaande titelpagina uit 1683. De hele pagina blijkt vol zetfouten te staan.
De uitgever van het exemplaar van Muiderslot is ‘de Weduwe van Meinche Geel en Gregorius en Groen‘. In de lijst met bekende uitgaven staat inderdaad een versie uit 1683, maar die was bij Wed. Michiel de Groot en Gijsbert de Groot. Die uitgever had een privilege voor 15 jaar.
Gezien de vele ongetwijfeld bewuste zetfouten en de verder onbekende uitgever lijkt het ik noem het maar een ‘illegale’ uitgave. Of maak je zo een ‘eigen’ uitgave? Heel bijzonder. Zou wel willen weten hoe die complete uitgave er uit ziet en deze naast de officiële uitgave uit 1683 willen leggen. Die laatste is hier in te zien.
Jan Holwerda


In 2012 werden de Richtlijnen tuinhistorisch onderzoek: voor waardestellingen van groen erfgoed gepubliceerd. Deze richtlijnen van het College van Rijksadviseurs, RCE, KNOB, het Nationaal Restauratiefonds en het Nationaal Groenfonds waren bedoeld om het zorgvuldig omgaan met groen erfgoed verder te professionaliseren.
De Nederlandse Kastelenstudiegroep heeft de symposiumbundel ‘Een wal rondom een kasteel’ openbaar beschikbaar gesteld. Deze bundel is de neerslag van het fenomeen dat door verschillende wetenschappelijke disciplines op evenzoveel manieren bekeken wordt: de (aarden) wal rondom een kasteel. De vraag die zo’n wal oproept betreft de functie daarvan. Was het een restant van de oorspronkelijke middeleeuwse defensieve aanleg? Mogelijk het logische gevolg van het graven van een gracht? Of betreft het wellicht een latere (zestiende-eeuwse) aanleg als een vestingwal? Indien de aarden wal geen primaire militaire functie diende, waartoe was de wal dan aangelegd? Ter bescherming van overstroming door een nabije rivier? Als onderdeel van een tuin/parkaanleg om een deel van de tuin te separeren als privéterrein voor de bewoners? Of diende de wal, analoog aan het huis een symbolisch doel?

Toen in de negentiende eeuw park Sonsbeek het gevaar liep ten prooi te vallen aan projectontwikkelaars, was het een rentmeester die het tij wist te keren. En wie weet dat Nationaal Park De Hoge Veluwe niet alleen door de Kröllers is gevormd, maar mede dankzij diezelfde rentmeester als samenhangend landgoed kon ontstaan?
Afgelopen oktober presenteerde onderzoeker Fenna IJtsma haar rapport Leiden in het groen – Vier eeuwen openbaar en particulier stedelijk groen. In het kader van Erfgoed Deal zocht ze, met input van onder anderen biologen van Naturalis, naar inspiratie en voorbeelden uit het verleden om bij te dragen aan een toekomstige klimaatbestendige binnenstad.




