Huis te Manpad, ’t bleef niet bij de vervanging van lindebomen alleen


Op de voorgrond de nieuwe aanplant, op de achtergrond de opgeschoonde NO-hoek
van Huis te Manpad  Foto: Wim Dröge

Behalve vervanging van een deel van de lindes op het voorplein zijn lopende 2009 en de afgelopen winter nog meer werkzaamheden afgerond.

Tijdens de de Cascade voorjaarsexcursie van 2007 konden we de terugkeer van het hakhoutbeheer aanschouwen. Deze winter is verder uitvoering gegeven aan het hakhoutbeheer. In hetzelfde bosgedeelte aan de kant van de Leidse Vaart zijn verder oude waterlopen uitgebaggerd en hersteld en zijn diverse duikers vernieuwd.

De heraanplant van de historische boomgaard, met een 90-tal nieuwe fruitbomen van oude rassen, is ook in 2009 afgerond. De complete lijst van aangeplante appels, peren en pruimen staat op de website van Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek. Het vormt de bijlage van het artikel ‘Van Manpads Glorie en suikerpeer, interview met Peter van Wijk’ uit HeerlijkHeden 143, het blad van dezelfde vereniging.


Huis te Manpad (NO-hoek), A.de Haan ca. 1814  Bron: TUiN WUR

Tot slot de NO-hoek van de buitenplaats. Het pinetum is opgeruimd. Dit gedeelte van het park gaat het noordoostelijk parkdeel heten en wordt teruggebracht in de geest van het ontwerp van tuinarchitect de Haan. En in dezelfde NO-hoek is De Naald weer vol in het zicht geplaatst door alle opslag terug te snoeien, enkele bomen te kappen en nieuwe beukenbomen te planten (lees ook hier).  JH


De Naald, Huis te Manpad  Foto: verKennemerland.nl

Zocher on line


Aralia elata, door A. van der Hoop bij Zocher besteld voor Spaarnberg in 1841

Ons Zocher-onderzoek begint een gezicht te krijgen. De gegevens over de verschillende Zochers die we -met hulp van anderen- de laatste jaren hebben verzameld staan nu bij elkaar in een voorlopige digitale publicatie, die op gezette tijden van een up-date wordt voorzien. Het is nog lang niet wat het wezen moet, vele xe2x80x98korte waardestellingenxe2x80x99 zullen nog geschreven of aangevuld dienen te worden -er mankeert nog veel aan- maar alles wat we nu weten, willen we toch ook graag ten dienste stellen van derden. Anderen kunnen er verder mee, mits referenties worden gegeven natuurlijk.

Het werken aan deze publicatie gebeurt hap snap en zeker niet systematisch. Nu hebben de door de Zochers gebruikte bomen en heesters even onze aandacht. Zie hoofdstuk III.5. We hebben nu de gegevens die we hebben gevonden over toepassing van soorten en het gebruik van bomen en heesters bij elkaar geschreven (informatie uit de kwekerij-catalogi Rozenhagen; beplantingslijsten van Kasteel Linschoten; Kasteel Keppel; Huis Spaarnberg; Begraafplaats Soestbergen; Noorderplantsoen Wageningen; Singels Utrecht; Vondelpark; De Breeriet / Twickel). De gegevens bestaan uit hele bomenlijsten of uit enkele plantgegevens.

De vraag is nu in dit stadium; Wie kan ons aan meer gegevens over planten (vnl. gebruik van bomen en heesters en stinsenplanten) helpen, die door een van de Zochers werden toegepast en / of aanbevolen en / of door de kwekerij werden geleverd (met bronvermelding) ?

Carla Oldenburger, zie hier voor Zocher on line.

Kasteel Liesveld (Nieuwpoort) met daktuin?


Afteekening van het kasteel en het park van Liesveld (Nieuwpoort)
Michaël van Dalen, z.j.  Bron: Nationaal Archief

Daktuinen komen de laatste jaren geregeld in het nieuws. Zelfs het boek Tuingeschiedenis in Nederland. Veelzijdig erfgoed in ’t groen belicht dit type tuinen, in de bijdrage ‘Levende daken en gevels’ van Mariëtte Kamphuis.

Toen ik op de bovenstaande kaart ‘Afteekening van het kasteel en het park van Liesveld’ inzoomde moest ik aan dat fenomeen denken. Qua ouderdom kan deze ‘daktuin’ niet tegen de tuinen van Babylon op (nee, niet dat winkelcentrum), maar het is misschien wel een leuk, vroeg Nederlands voorbeeld. JH

Open Monumentendag 2009

Open Monumentendag 2009 zal plaatsvinden op 12 en/of 13 september. Het landelijke thema is ‘Op de kaart’.
Soms de kans om ergens binnen te komen of te wandelen waar het anders niet is toegestaan. Soms net even anders door een aankleding of invulling in het kader van het thema van de landelijke dag. Soms gewoon omdat het hoog tijd is om weer eens een bezoekje af te leggen.

Alle, i.i.g. heel veel, opties zijn te vinden via de website van Open Monumentdag. Aldaar kunt u zoeken op bv provincie of plaats, maar ook Type Monument en dan kiezen voor bv ‘Kasteel of buitenplaats’ of voor ‘Monumentaal groen’. Verder weten internet en de regionale pers ook nog een en ander te bieden. Even drie voorbeelden:

De tentoonstelling ‘Twickel op de Kaart’ biedt een kijkje in de omvangrijke en fraaie kaartencollectie die in het archief van Twickel (Delden) bewaard wordt.
De tentoonstelling wordt gehouden op het voorplein van het kasteel in het koetshuis en de stallen en is te bezichtigen van zaterdag 5 tot en met zaterdag 19 september.
En dit dan combineren met een wandeling door de tuinen van Twickel. De herstelplannen van Michael van Gessel zijn in het najaar van 2008 afgerond, dus een nieuwe rondgang na de Cascade excursie van 2006 moet nieuwe beelden leveren.

Kasteel Heeswijk (Heeswijk-Dinther) haakt in met ‘Zet uw kunstschat op de kaart!‘, of te wel laat uw kunst taxeren. Maar ook met het tentoonstellen van een privéverzameling van bekende en onbekende afbeeldingen van Kasteel Heeswijk, hoe het kasteel door de eeuwen heen werd afgebeeld op gravures, schilderijen, tekeningen, prentbriefkaarten en in boeken.

Landgoed Zuylestein (Leersum) stelt de renaissancetuinen en het historische Poortgebouw open. Op beide dagen is in de grote zaal van het Poortgebouw een collectie van historische kaarten, atlassen, prenten en boeken te bezichtigen van antiquariaat Forum bv uit ’t Goy (www.forumrarebooks.com).  JH

Libanon ceder in Heemstede (2)

Abies3hort_cliff1737Dit is een foto van de tekst die in de Hortus Cliffortianus (1737) staat. Sorry, ik heb dus in de reactie van de vorige weblog ten onrechte gezegd dat de Libanon ceder niet in de Hortus Cliffortianus voorkomt. Inderdaad had ik ook onder Pinus gekeken, maar de tekst van de ceder staat onder Abies-3, op p. 450 bovenaan. In het digitale exemplaar op Internet kun je helaas niet Zoeken op naam. Onder Abies volgt het hoofdje Pinus. De verwijzing achter de naam Cedrus libani… is zoals hier boven te lezen Lob. hist. 630; en Barr. rar. t. 499. Dit betekent Lobelius: Plantarum seu stirpium historia  (1576) en Jacques Barrelier en een afkorting van een onduidelijke boekentitel, namelijk  "rar.", hetgeen in dit verband rariorum betekent. Waarschijnlijk bedoelde hij het boek  ‘Icones Plantarum per Galliam, Hispaniam et Italiam observatae’ (1714).  Maar in ieder geval, Linnaeus heeft de Libanon ceder tijdens zijn verblijf in Heemstede beschreven. Of hij hem gekend heeft in de vorm van een jonge boom of als herbarium-exemplaar of als zaad wordt er nooit bij verteld. Na de Hortus Cliffortianum, heeft hij hem in 1753 in Species Plantarum een naam gegeven, Cedrus libani, met een verwijzing naar A. Rich., zoals in mijn vorige reactie aangegeven. Zie daar verder. CO.

Restauratie en consolidatie op Backershagen (Wassenaar)


Hermitage / schelpengrot van Backershagen (Wassenaar)
Foto: J.S.H. Gieskes

In 2007 kwam in opdracht van de raad van de gemeente Wassenaar een lijst van objecten als tuinmuren, zuilen, grenspalen, hekwerken van verschillende landgoederen, pergola, gedenkbank enz. tot stand. In het totaal een 30-tal objecten. Deze lijst leidde tot een voorziening ‘onderhoud restobjecten monumenten’.

In 2008 leidde dit tot het consolideren van de hermitage / schelpengrot en restaureren van de keermuur van de historische buitenplaats Backershagen (westelijk van de N44 van Wassenaar naar Den Haag; daar waar die tuinkoepel op een heuvel staat).


Hermitage / schelpengrot voor consolidatie, en keermuur voor restauratie

In 1772 werd Backershagen uitgebreid en kwam er een aanleg volgens de laatste mode tot stand, in de vroege landschapsstijl of Anglo-chinese stijl. De hermitage of schelpengrot, in een geaccidenteerde aanleg met slingerende waterpartijen (beken, geen vijvers), maakte daar deel van uit. En op een verder opgehoogde duinheuvel werd de nu nog bestaande tuinkoepel gebouwd.

Vanaf 1846 wordt Backerhagen onderdeel van de landgoederen van prins Frederik. De Duitse tuinarchitect C.E.A. Petzold werkte later aan de eenwording van de landgoederen; o.a. door de Ümfahrungsweg. T.b.v. deze weg was op Backerhagen een damwand met keermuur bij de ‘Hooge Koepel’ noodzakelijk. En het was de Duitse architect H.H.A. Wentzel die het in decoratieve baksteenarchitectuur uitgevoerde ‘kunstwerk’ ontwierp.

De keermuur werd hersteld door o.a. het aanbrengen van prefab betonnen elementen tussen de nieuw aan te brengen damwand (aan de heuvelzijde) en de keermuur, het verbeteren van de fundering en het vervangen van verkeerde stenen uit eerdere restauraties door een handvormsteen die oorspronkelijk toegepast is en nieuw gesneden voegwerk.

Bij de hermitage zijn de consoliderende maatregelen o.a. dat de bovenzijde van de schelpengrot werd aangevuld met metselwerk, duinzand en mos. Bovendien werd ander los en gescheurd metselwerk waar nodig hersteld en gevoegd en werd graffiti in de grot verwijderd.  JH


De keermuur met het schiereiland van de hermitage / schelpengrot op de achtergrond
Foto: J.S.H. Gieskes


De mosheuvel op het geaccidenteerde schiereiland met de hermitage / schelpengrot
Foto: J.S.H. Gieskes

Rosarium Clingendael (Wassenaar)


Rosarium Clingendael (Wassenaar)  Foto: Joost Gieskes

Het fraaie plan voor een rosarium op Clingendael door C.E.A. Petzold uit 1888 is als bekend nooit uitgevoerd. Maar zijn ontwerp is niet vergeten.


Ontwerp Rosarium Clingendael (Wassenaar), C.E.A. Petzold (1888)

Omstreeks 2005 is een rosarium gerealiseerd in Clingendael, geïnspireerd door het plan Petzold. De belangrijkste geometrische vormen zijn daarbij overgenomen, resulterend in een ovaal van buxushaagjes met vier rozenperken, eenvoudig wellicht, maar aan onderhoudbaarheid moeten nu eenmaal concessies worden gedaan. Als roos is gekozen voor de Rosa ‘Focus’, een licht geurende trosroos met lange bloeitijd. De hagen en perken zijn verankerd met cortenstaal. In het centrum werd gekozen voor een treurbeukje. Het nieuwe rosarium is gevat in een geschoren gazon omringd met hoge bomen en een beukenhaag.

Men kan met recht spreken van een tuinkamer. Uit het resultaat, geliefd bij het publiek, blijkt hoe ijzersterk het ontwerp van Petzold was. En geen gering detail: de hoveniers van Clingendael herkennen de kwaliteit van dit tuindeel, en sindsdien wordt het opvallend goed onderhouden. Ter toelichting zie de hierbij gevoegde schetsen en foto’s.  Joost Gieskes


Naar ontwerp van C.E.A. Petzold

Herfstlezing Nederlandse Tuinenstichting.


uit The Gardener’s Labyrinth, Thomas Hill (1594).
Bron: Special Collections University of Glasgow

Afgelopen donderdag vond de Herfstlezing 2008 van de Nederlandse Tuinenstichting plaats. Naast een lezing van Johan Geerdink over Natuurlijk/Natuurrijk Groen en de boekpresentatie van Villatuinen in Nederland 1900-1940 door Eric Blok (zie ook weblog van 23 okt) was er een lezing door dr. Erik A. de Jong: Aan het begin der dingen: tuintechnologie en tuinkunst rond 1600, over het gebruik van tuingereedschap als basis voor het maken van een tuin.

Tuingereedschap als middelpunt en maar ook als startpunt van een verhaal zoals vooral Erik de Jong dat in zijn geheel eigen stijl kan brengen. Iets simpels als gereedschap wat lopende het verhaal met van alles en nog wat gerelateerd raakt, meer en meer status krijgt toebedeeld en tot kunst wordt verheven. Als gezegd in zijn geheel eigen stijl die je meeneemt, vervoert en overtuigt. Helaas kom ik dan altijd thuis met ‘brokstukken’ en ben ik opbouw en lijnen kwijt, niet tot reproductie in staat. Het is als een warme, volle, weldadige douche, maar als je die uitzet blijven slechts enkele druppels aankleven. Maar een lezing die mij erg aansprak.  JH

Bovenstaand een van de beelden die Erik de Jong gebruikte om gereedschappen te laten zien, maar ook te illustreren dat juist de marges van afbeeldingen zoveel interessants en moois opleveren. Ik wilde juist deze afbeelding gebruiken om een reconstructie van die ‘Pumpe in a Tubbe’ te laten zien. En onderstaande illustratie laat zien hoe eenvoudig gereedschap status krijgt en verwordt tot kunst; tuingereedschap deels verguld en ingelegd met parelmoer.


Set of pruning tools (1575-1600).
Bron: The Metropolitan Museum of Art, New York.

Villatuinen in Nederland 1900-1940

Afgelopen woensdag 22 oktober was de eerste bijeenkomst Platform Groen Erfgoed, bij RACM te Zeist. De middag werd afgesloten met een korte presentatie door Eric Blok over en vervolgens de uitreiking van het eerste exemplaar van Villatuinen in Nederland 1900-1940.; geschreven door Eric Blok en Birgit Lang van SB4 en in samenwerking met de RACM.

Een publicatie die gezien kan worden in het verlengde van de reeks van 4 delen over Nederlandse Tuinarchitectuur 1850-1940. In die reeks vormde, per deel, het materiaal en werk van een aantal tuinarchitecten steeds het startpunt. In Villatuinen in Nederland 1900-1940 zijn de tuinen zelf, hier villatuinen, het middelpunt.

Het persbericht zegt o.a. '…beoogt de cultuurhistorische waarde van villatuinen uit de eerste helft van de twintigste eeuw nauwkeuriger dan voorheen vast te stellen. Een groot aantal typische stijlkenmerken en elementen worden beschreven, waardoor het herkennen en duiden van deze tuinen wordt vereenvoudigd.'
Dit wordt gedaan in de hoofdstukken 'De villatuin in zijn context', 'Structuren en elementen in tuinen', Tuinstijlen' en 'Voorbeeld monumentenomschrijving villatuin'.

Villatuinen in Nederland 1900-1940, door Eric Blok & Birgit Lang, 156 pagina's, full colour en rijk geïllustreerd, ISBN: 978-90-76046-57-0, 19,50 euro, te bestellen via: www.villatuinen.nl  JH

“Oh oh Den Haag”, een verrassing

Oh oh Den Haag in het Haags Historisch Museum (zie ook weblog 14 okt) is te beschouwen als een Haagse pendant van de algemene tentoonstelling Bewonderde stad in het Mauritshuis. (zie ook weblog 17 okt)


Haga in Hollandia, Hollandse school (1553) (aanklikken voor grote weergave)
Onder, de schietbaan (links) en tuin vóór Doelenhuis rechts. Coll. Haags Historisch Museum

Op de informatie voor de pers vond ik een afbeelding van het prachtige anonieme schilderij Haga in Hollandia 1553. Hierop is langs de Hofvijver een groenaanleg te zien – tussen twee huisjes en schotten – bestaande uit de schietbaan van de St. Sebastiaanschutterij, afgescheiden door een haag tussen de schietbaan en het wandelpad langs de Hofvijver. De schietbaan dateert al van 1462-1464 en werd aangelegd door Karel de Stoute. Verder zien we rechts van de schietbaan een tuin ter hoogte van het tegenwoordige Haags Historisch Museum. Deze behoorde bij het Doelhuis (plaats waar in de middeleeuwen de schutters oefenden met hun hand- en voetbogen), gebouwd in 1509, en later in 1636 vervangen door het tegenwoordige gebouw van de St. Sebastiaansdoelen, waar nu het Haags Historisch Museum in is gevestigd. De tuin past overigens geheel in de laat zestiende eeuwse stijl van Hans Vredeman de Vries met randperken, geometrische middenperken en op de hoeken vormsnoei en / of hoog opgaande planten.

Het totale schilderij verschaft ons een zicht vanaf de (latere) Korte Vijverberg, over de Hofvijver en langs de Lange Vijverberg en de achterzijde van het Binnenhof. In het rechter huisje op de schietbaan spant een man de handboog. De Korte Vijverberg werd in 1633 aangelegd op het terrein van de schutterij, zodat er een verbinding ontstond tussen het Plein en het Voorhout.

Maar nu de xe2x80x9cverrassingxe2x80x9d. Het schilderij is niet te zien op de tentoonstelling. Wel hangt er een bijna identiek (anoniem) schilderij van veertien jaar later (1567), getiteld Haga Comitis Hollandiae Pars, waarop weliswaar de schietbaan is te zien, maar veel minder uitgewerkt, terwijl de tuin vóór het Doelenhuis ook maar fragmentarisch is weergegeven.

Ook interessant: op de kaart Haga Comitis in Hollandia uit 1570 – die beneden in het museum hangt – kunnen we in plattegrond ongeveer dezelfde situatie onderscheiden. De Hofvijver is overigens altijd een zeer gewild onderwerp voor schilders geweest. Er zijn diverse andere schilderijen van dezelfde plek op de tentoonstelling, zoals een schilderij van G. A. Berkheyde uit 1692. De schietbaan en de tuin langs de Hofvijver zijn dan verdwenen en we kijken op een geplaveide straat. CO.