Kennisbijeenkomst/symposium Vermaaksarchitectuur

Op vrijdag 6 april zal De DonderbergGroep samen met Heemschut de kennisbijeenkomst Vermaaksarchitectuur in pretpark De Waarbeek (Hengelo) houden.

Al vanaf de Romeinse tuinkunst met kunstige hydraulische waterwerken, de enorme volières van Varro, Naumachia’s dient de tuin tot plezier, welbehagen, genot, vertier…. , kortom vermaak. Een architectuur met een grote variatie aan stijlen en gebouwtypes. Het zijn vooral de gebouwen op de negentiende-eeuwse tentoonstellingsterreinen, kermissen, en luna-, attractie- of pretparken die nu de aandacht trekken. Een vorm van erfgoed, maar wel een ondergeschoven vorm?

DonderbergGroep en Heemschut houden daarom een kennisbijeenkomst/symposium om de aandacht te vestigen op vermaaksarchitectuur. Deze dag in De Waarbeek levert een vogelvlucht door dit thema op én een uniek inkijkje achter de schermen van een historisch pretpark in bedrijf.

Vermaaksarchitectuur, een introductie op een ondergeschoven thema
vrijdag 6 april, 11.00- 17.00
pretpark De Waarbeek, Twekkelerweg 327, Hengelo | www.waarbeek.nl

Er wordt voor vervoer heen en weer naar station Hengelo en lunch gezorgd. De kosten bedragen voor leden van Heemschut en de Donderberggroep 20 euro. Voor niet-leden 30 euro. U kunt zich aanmelden via info@heemschut.nl. Graag vermelden of u gebruik wilt maken van het busvervoer vanaf station Hengelo.

Voor het programma en alle details zie hier.

Facebooktwitterlinkedinmail

Boekenweek 2018: Artis-favorieten

OVERGENOMEN

De Boekenweek heeft dit jaar als thema ‘Natuur’. Onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam die de historische bibliotheek van Artis als werkterrein hebben, presenteren in deze week hun favorieten uit de Artis Bibliotheek. Met op vrijdagavond een feestelijk Open Podium en BLOEMENBAL.

De leden van de UvA-onderzoekswerkgroep ‘Natura Artis Magistra’ onderzoeken op alle mogelijke manieren de interactie tussen cultuur en natuur. Tijdens de Boekenweek presenteren dagelijks twee leden van de onderzoeksgroep hun favoriete boek uit de Artis Bibliotheek van de UvA. Het oudste boek is uit 1485, het jongste uit 2002. Er zijn twee presentaties van 15 min per dag, met aansluitend een gesprekskwartier.
Van maandag 12 maart tot en met vrijdag 16 maart, van 17.00-18.00 uur.
Alle lezingen en verdere details zijn hier te vinden.

Facebooktwitterlinkedinmail

Slopen en bouwen in de lange 19e eeuw


‘Het demolieeren van de Buitenplaats Wel Te Vrede onder de Bilt in 1811’, C. van Hardenberg
Uit: Roel Mulder, Op afbraak, 2006 (download).

OVERGENOMEN

Het platform Kastelen & Buitenplaatsen van donderdagmiddag 19 april gaat over de sloop van kastelen en buitenplaatsen in de lange 19de eeuw (1780-1920).
Naar de sloop van kastelen en buitenplaatsen in de 19de eeuw is nog nauwelijks onderzoek gedaan. Algemeen wordt echter aangenomen dat er na de afschaffing van heerlijke rechten in 1795 en de recessie als gevolg van de Franse Tijd massaal kastelen en buitenplaatsen zijn afgebroken omdat ze van lust tot last werden. Klopt dat? En werden er ook nieuwe buitenplaatsen gebouwd in die periode? Hoe beleefden tijdgenoten de sloop van historische huizen? In verschillende lezingen zal nader op deze vragen worden ingegaan.

14.00 Opening en programmatoelichting, drs. ir. Heidi van Limburg Stirum, directeur, NKS Kenniscentrum voor kasteel en buitenplaats, dagvoorzitter
14.10 ‘Verkoop voor afbraak’. De afbraak van kastelen en buitenplaatsen in de 19de eeuw, dr. ir. Taco Hermans, specialist kastelen, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
14.35 Het verdriet van Friesland. Over de sloop van states in de lange negentiende eeuw, em. prof. dr. Yme Kuiper, Rijksuniversiteit Groningen
15.00 Wisseling van de wacht? Kastelen en buitenplaatsen in Utrecht 1780-1840, dr. Fred Vogelzang, medewerker Wetenschap en projecten, NKS Kenniscentrum voor kasteel en buitenplaats
15.25 Theepauze
15.50 De lange adem van de hofstede, Gerrit van Oosterom MA, promovendus kenniscentrum Landschap RUG
16.15 Nieuw- en verbouw van kastelen en buitenplaatsen in de 19de eeuw, drs. Ben Olde Meierink, Hoofd Onderzoek, NKS Kenniscentrum voor kasteel en buitenplaats
16.40 Discussie
16.55 Speakerscorner en afsluiting door de dagvoorzitter
17.00 Borrel

19 april 2018 – 14:00 tot 17:00
Locatie: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Smallepad 5, Amersfoort
Deelname is gratis, maar u moet zich wel aanmelden. U kunt zich inschrijven via dit formulier.

Facebooktwitterlinkedinmail

Brakkenstein. Een Nijmeegse buitenplaats en zijn bewoners

OVERGENOMEN

Brakkenstein is een van de weinige goed bewaarde buitenplaatsen aan de rand van Nijmegen. Het is bekend door de witte villa, het prachtige park met zijn lanen en sterrenbos en de hortus.

In Brakkenstein. Een Nijmeegse buitenplaats en zijn bewoners wordt de boeiende, bijna vier eeuwen lange geschiedenis van deze buitenplaats beschreven. Omstreeks 1650 ontstond Brakkenstein als ontginningsboerderij op de heide van het Hoge Veld. Later werd het eerst een zomerverblijf en vervolgens een permanente woonplek van rijke families uit Nijmegen en de regio, onder meer van de families Rappard, Tulleken, Van Hövell tot Westerflier en Jurgens. Hun bezigheden en bindingen met de stad komen uitgebreid aan de orde aan de hand van familiearchieven, afbeeldingen en kaarten.

Van 1940 tot 1965 was op Brakkenstein een neurologische kliniek van het Canisiusziekenhuis gevestigd. De buitenplaats werd ook een belangrijk centrum voor de paardensport. In 1970 kwam de hortus botanicus tot stand, waarvan de geschiedenis in dit boek eveneens uitgebreid wordt verteld.

Klaas Bouwer (1935) studeerde sociale geografie en geschiedenis en was daarna werkzaam als docent in het voortgezet en hoger onderwijs. Na zijn emeritaat als hoogleraar milieukunde aan de Radboud Universiteit is hij zich bezig gaan houden met de geschiedenis van landgoederen en bossen in Gelderland, in het bijzonder in de omgeving van zijn woonplaats Nijmegen. In 2008 verscheen zijn Een notabel domein. De geschiedenis van het Nederrijkswald, in 2014 ‘Een verrukkelijk gezigt’. Buitenplaatsen en boerderijen in de Meerwijk bij Nijmegen.

Klaas Bouwer, Brakkenstein. Een Nijmeegse buitenplaats en zijn bewoners, ISBN 978 90 5625 494 0, 208 pp., rijk geïllustreerd, €24,95

Facebooktwitterlinkedinmail

Kasteel Holy (Vlaardingen), door Cornelis Pronk


Holy (Vlaardingen, 1738), Cornelis Pronk  Bron: Veilinghuis AAG

Afgelopen week ontving ik het meest recente nummer van het tijdschrift Kasteel & Buitenplaats. T.z.t. zal het vast hier online verschijnen, net als voorgaande nummers.

In betreffend nummer staat een column van Taco Hermans naar aanleiding van een geveilde ingekleurde tekening van kasteel Holy te Vlaardingen van de hand van Cornelis Pronk. Dan wil je toch even die veiling, tekening en opbrengst zien; dat kan bij AAG, klik hier, en zoek met Pronk. Of klik hier om de tekening direct groot te zien.

In zijn column schrijft Taco: ‘De tekening geeft de [woon]toren weer met vierkante torentjes op de hoeken, maar die steken niet uit zoals arkeltorens dat doen. De ‘galmgaten’ die Rademaker meende te zien [omdat ze op een tekening van zijn hand staan] zijn hier moordgaten in een pseudoweergang. Gelet op de kleur zijn deze gaten dichtgezet met houten panelen. Naast de toren ligt een fraai aangelegde tuin met onder meer een hoog geschoren beukhaag (?). Achter die haag is het woonhuis van de eigenaar zichtbaar. Onderdeel daarvan is een zeer rijk uitgevoerde trapgevel waarvan we nog net het topje kunnen zien. Kijk, en dat verraadt dat ook bij Holy de eigenaar na 1574 een fraaie en vast ook comfortabele woning heeft laten bouwen op de voormalige voorburcht…’

Facebooktwitterlinkedinmail

Input voor komende CASCADE bulletin?

Voor het komende CASCADE bulletin voor tuinhistorie wat in juni van dit jaar zal verschijnen heeft de redactie al twee mooie bijdragen mogen ontvangen. We hebben nog plek voor meer input. Mocht u interessant onderzoeksresultaat hebben dan hopen wij dat u dat in ons bulletin wilt publiceren.

De omvang mag variëren van een zeer klein oriënterend onderzoek tot een mooi uitgewerkt geheel, ook het aantal afbeeldingen is vrijwel onbeperkt.

Interesse? Mail dan naar onze redactie: redactie@cascade1987.nl. Dan kunnen wij u nadere informatie geven met betrekking tot bijvoorbeeld de auteursrichtlijnen.

Sluitingsdatum kopij: 31 maart van dit jaar.

Facebooktwitterlinkedinmail

Handleiding voor het beheer van historische dreven en wegbeplantingen

GETIPT

In 2015 is al melding gemaakt (zie hier) van de prachtige publicatie Methodologie voor het beheer van historische tuinen en parken in Vlaanderen, onder redactie van Thomas van Driessche en Paul van den Bremt.

Onder dezelfde auteurs en met Koen Smets verscheen, begin vorig jaar al, weer een nieuwe publicatie die je moet downloaden (en lezen): Handleiding voor het beheer van historische dreven en wegbeplantingen.
Over de publicatie: Dreven en wegbeplantingen zijn belangrijke lijnvormige elementen in het landschap die bijdragen tot de regionale identiteit. Om historische dreven en wegbeplantingen in stand te kunnen houden, moet men weten hoe ze in het verleden beheerd werden. Kennis van de traditionele beheerstechnieken is niet alleen nodig voor een goed begrip van het historisch beheer maar kan ook als inspiratiebron dienen voor onze hedendaagse omgang met dit erfgoed. Informatie over het historisch en hedendaags beheer van dreven en wegbeplantingen is echter moeilijk te vinden. Daarom publiceerde het agentschap een handleiding voor het beheer van dit type erfgoed. Het eerste, inleidende hoofdstuk maakt de lezer wegwijs in de typologie en de erfgoedwaarden van historische dreven en wegbeplantingen. Hoofdstuk 2 schetst een korte geschiedenis van de dreven en wegbeplantingen van de 16e tot de 20e eeuw. Hoofdstuk 3 en 4 behandelen respectievelijk het historisch beheer en het hedendaags beheer van dreven en wegbeplantingen. Hoofdstuk 5 geeft een overzicht van de boomsoorten die vroeger in Vlaanderen als laan- en straatboom werden aangeplant. De handleiding bevat ook enkele aanbevelingen voor het opstellen van een drevenbeheersplan en voor het ontwerpen van nieuwe dreven in een cultuurhistorische context.

T. van Driessche, P. van den Bremt & K. Smets, Handleiding voor het beheer van historische dreven en wegbeplantingen, Handleiding agentschap Onroerend Erfgoed 14, 2017  download PDF

Kijk ook zelf nog even naar de andere publicaties van het agentschap Onroerend Erfgoed (Vlaanderen), dat doet u hier.

Facebooktwitterlinkedinmail

Kastelen en buitenplaatsen: Wat laat u zien?

(OP VERZOEK)

sKBL organiseert op maandag 23 april 2018 een studiedag over het thema presentatie. Kastelen en buitenplaatsen: Wat laat u zien? Deze bijeenkomst vindt plaats op maandag 23 april 2018 van 09:30-18:00 uur op Kasteel Ammersoyen, Kasteellaan 1 te Ammerzoden.

In de afgelopen jaren is de belangstelling voor kastelen en buitenplaatsen toegenomen. Men ervaart het als bijzonder om een dergelijk historisch huis te betreden, helemaal als het particulier bewoond is. Ook hun tuinen staan steeds vaker in de belangstelling. Dientengevolge neemt de vraag naar (trouw)fotoreportages, locaties voor reclame- of tv-opnames en zelfs films toe. Hierbij kunnen met het oog op veiligheid, collectiebeheer en privacy conflicterende situaties ontstaan, waarbij de vraag rijst: Wat laat u zien? Hoe ver gaat u in uw openheid en wat is hierbij voor u wel of niet interessant? Van nut is ook de vraag welke financiële voordelen hiermee samenhangen. Hoe gaat u met een locatiescout om en wat kan je vragen of eisen? Welke grenzen geeft u aan en welk belang dient media-aandacht voor uw KBL? Welke afwegingen maakt u? Kortom wat is hierbij gangbaar, nuttig of juist verwerpelijk? Op deze vragen laten diverse sprekers hun licht schijnen tijdens deze studiedag. Meer informatie, het programma en een link naar het aanmeldformulier vindt u hier.

Facebooktwitterlinkedinmail

Leeuwenstein (Vught)


Villa Leeuwenstein (1830, Vught), Geertruida Johanna van Galen Bron: www.avulo.nl

(groter)

Eigenlijk alleen een bericht om de mooie bovenstaande aquarel naar voren te brengen.
Tijdens werkzaamheden in Vught is gestuit op mogelijke restanten van de eerste Villa Leeuwenstein of meer waarschijnlijk een bijgebouw dat hoorde bij de villa (zie hier).

De in 1753 gebouwde villa was de ‘voorloper’ van het huidige raadhuis en was het buitenverblijf van mr. Johan Hendrik van Heurn. Na zijn dood verhuurde zijn weduwe Anna Römer het huis in eerste instantie, maar later ging ze er zelf wonen. Na haar dood verbleef haar kleindochter Anna Antonia Emilia van Heurn, die getrouwd was met Aldert van Galen, vaak op het huis. In 1826 ging de familie permanent op Leeuwenstein wonen. Van de hand van hun dochter Geertruida Johanna van Galen is de bovenstaande aquarel, gedateerd met 1830.
In 1894 werd de familie Van Rijckevorsel eigenaars. Zij liet het vervallen gebouw afbreken en bouwde in 1901 het huidige (raad)huis. In 1935 kocht de gemeente Vught het inmiddels leegstaande pand en werd de villa onder leiding van architect H.W. Valk verbouwd tot raadhuis. Aansluitend kwam de parkaanleg naar ontwerp van Dirk F. Tersteeg tot stand.

In 2015 gaven nazaten van Geertruida Johanna van Galen de aquarel in bruikleen aan de gemeente.
Jan Holwerda

Facebooktwitterlinkedinmail

Van punt tot mijl

OVERGENOMEN

Van punt tot mijl is een breed overzicht van de maten die in gebruik waren in de vele eeuwen voor de invoering van de meter in 1821. Een vrijwel volledige verzameling en vergelijking van de toen gebruikelijke lengtematen in Nederland. Rijk geïllustreerd en met meer dan 80 overzichtelijke tabellen. Een onmisbaar en uniek naslagwerk!

Naar één uniform maatstelsel
Zo vertrouwd als we nu zijn met de centimeter, de meter en de kilometer was men dat vroeger met duimen, voeten, ellen, roeden en mijlen. Deze maten werden gehanteerd voor de landmeting en in het bouwbedrijf. Maar daarnaast waren er ook nog aparte maatstelsels voor de dijkbouw, de turfwinning en de scheepsbouw. Maar de werkelijke lengte van deze eenheden was in elke stad of regio weer anders. Een Amsterdamse voet had bijvoorbeeld een andere lengte dan een Deventer houtvoet. En de Bossche roede verschilde beduidend van de Rijnlandse roede. Dit boek laat de verwarring en misverstanden zien die dat veroorzaakte. En daarmee het belang van het moderne uniforme maatstelsel.

Mijlen en voeten
Aan de lacune in de literatuur over de mijlen wordt in dit boek invulling gegeven. De mijl heet naar de Romeinse, want die telde mille (= duizend) passen (twee stappen) van elk vijf Romeinse voeten. Sinds de 16de eeuw werden de mijlen echter uitgedrukt in de breedtegraad. Ook in ons land is de Romeinse voet gebruikt, want in Nijmegen is een maatstokje van die lengte gevonden.
Karel de Grote voerde in 794 nieuwe standaarden in voor het stelsel van maten, gewichten en munten. Over de lengte van zijn voetmaat wordt verschillend gedacht. In het boek worden oudere en nieuwe inzichten vergeleken en wordt een daarvan met nieuw bewijs gestaafd.

Overzichtelijke tabellen
Uit talloze bronnen zijn de gegevens over maten bijeengebracht, geanalyseerd en overzichtelijk in meer dan tachtig tabellen gepresenteerd. De lengten van de maten zijn omgerekend in kilometers, meters en millimeters zodat onderlinge vergelijking mogelijk is. Van ruim 1200 plaatsen en gebieden worden de daar gebruikte maten vermeld. Ook later in onbruik geraakte maten komen aan de orde, zoals de Hollandse voet en de voorling. Dat maakt Van punt tot mijl tot een uniek en cruciaal werk voor bouwhistorici, geschiedkundigen en archeologen.

Gerrit Berends, Van punt tot mijl, ISBN 978-90-827474-0-9, 200 pp., € 69,50 (excl. verzendkosten). Zie hier voor inkijkexemplaar en bestellen.

Facebooktwitterlinkedinmail