Tulpenburgh. Buitenplaats aan de Amstel

Trudi Woerdeman en Willem Overmars schreven in ons Cascade boek Tuingeschiedenis in Nederland II al over Tulpenburgh. Vandaag verschijnt in de Reeks Nederlandse Kastelen nr. 7 Tulpenburgh. Buitenplaats aan de Amstel.

OVERGENOMEN (uitgeverij Matrijs)

In de zeventiende en achttiende eeuw sierden wel zestig buitenplaatsen de oevers van de Amstel tussen Amsterdam en Ouderkerk. Hier bleven er slechts drie van over. Inmiddels is sinds 2015 een nieuwe buitenplaats gerealiseerd op de locatie van één van de gesloopte buitens: Tulpenburgh. Dit boek vertelt over de bijzondere bewoners en bezoekers van zijn directe voorganger.

De geschiedenis van de buitenplaats is nauw verbonden met Amsterdam. De stad barstte in de zeventiende eeuw zijn voegen en de rijke burgers zochten frisse lucht en vertier in buitenplaatsen rond de stad. De rijke koopman Abel Burgh liet het buiten aan de Amstel bouwen als investering. Zijn dochter Anna Burgh trouwde met Dirk Tulp, zoon van de beroemde medicus Nicolaes Tulp. Dit echtpaar vertoefde graag op Tulpenburgh en gaf het zijn naam. Via hen komen we bij Rembrandt, Paulus Potter en Spinoza, die volgens de verhalen een tijd heeft ondergedoken gezeten op Tulpenburgh. De trotse Joodse familie De Pinto bewoonde de buitenplaats in de achttiende en negentiende eeuw. David de Pinto ontving er belangrijke zakenpartners en vorsten en liet een prachtige tuin aanleggen. Het huidige Tulpenburgh herinnert – net als dit boek – aan een imposante plek met luisterrijke geschiedenis.

Tim Kooijmans, Tulpenburgh. Buitenplaats aan de Amstel, Utrecht 2016. ISBN 978-90-5345-508-1, € 14.95 (verzendkosten € 1.95), 96 p.

Facebooktwitterlinkedinmail

Cascade bulletin 2013-2 is uit.

Cascade bulletin 2013-2 is op de bus en binnenkort in de uwe.

Hoofdmoot is de langere bijdrage van Anna van Gerve over het werk van John Bergmans (1892-1980). Anna toont aan dat Bergmans niet alleen een ‘plantenman’ was, maar wel degelijk ook vanuit zijn eigen ontwerpprincipes werkte.
De  tweede  bijdrage  is  van  de  hand  van Sanne  Horn  en  Sander Rombout. Zij geven een beknopte weergave van de keuzes die gemaakt zijn met betrekking  tot  de  restauratie  en  nieuwe  invulling  van  de  tuinen  van  het Rijksmuseum in Amsterdam.

Lees in dat kader ook nog eens de weblog van 7 mei 2012 en 7 oktober 2012.

Facebooktwitterlinkedinmail

Digitale De Natuur Bezworen.

Voor een ieder die het nog niet in de kast heeft te staan: De natuur bezworen : een inleiding in de geschiedenis van de Nederlandse tuin- en landschapsarchitectuur van de middeleeuwen tot het jaar 2005 van Anne Mieke Backer, Eric Blok en Carla Oldenburger-Ebbers uit 1998 is nu digitaal beschikbaar, in e-Depot van Wageningen UR.
Om de afbeeldingen goed weer te geven resulteerde het scannen in een groot bestand, dat daarom in twee delen is gesplitst; downloaden via links in rechtermenu van bovenstaande link.

In het verlengde van het bovenstaande, Carla O. noemde in de meest recente Cascade Nieuwsbrief al de wikipage: Geschiedenis van tuinarchitectuur in Nederland. Noem het een samenvatting van de inleiding met vernoemen van bronnen en links naar digitale bronnen.

En nu WUR genoemd wordt: met ingang van 1 juni 2013 is de leeszaal van Speciale Collecties geopend van maandag tot en met vrijdag van 9 – 13 uur (de middaguren vervallen dus).  JH

 

Facebooktwitterlinkedinmail

Vloeiweidenstelsels, boek en netwerkmiddag.

Vloeiend van de voorgaande weblog over naar deze. Zoekend naar iets uit de krant betrekking hebbend op de Copijns, als illustratie bij voorgaande weblog, stootte ik op het artikel wat hier is ingevoegd: over de ontginning van woeste gronden en verrijking van deze gronden door bevloeiing, door H. Copijn.

Hiermee kwamen een aantal recente zaken samen en wil ik verwijzen naar de middag over vloeiweidestelsels van komende donderdag:

– de herinnering aan de lezing Eric Brinckmann over het ‘waterpark’ op landgoed Het Lankheet (platform Groen Erfgoed voorjaar 2011, zie RCE);

– het fraaie en interessante boek Stromend Landschap Vloeiweidenstelsels in Nederland dat enige weken geleden bij me in de bus viel. Het fenomeen kende ik, maar dat het zo weid verbreid was…, zie website Stromend Landschap
(G.J. Baaijens, E. Brinckmann, P. Dauvellier, P.C. van der Molen, Stromend Landschap Vloeiweidenstelsels in Nederland, Zeist 2011, zie website van KNNV);

– en de netwerk wintermiddag 26 januari 2012 van het Netwerk Historisch Cultuurlandschap, over Vloeiweidestelsels in Nederland, te gast bij de RCE Amersfoort (zie website Netwerk Historisch Cultuurlandschap).  JH

Facebooktwitterlinkedinmail

Welgelegen, biografie van een Copijn-huis.


Boomkweekerij  –  P.G. Copijn  –  Tuinarchitect
Bron: website Uitgeverij De Hef

Ergens voor de kerst was ik op een kerstborrel en kon ik even vlug door het boek Welgelegen, biografie van een Copijn-huis bladeren. Thuis begreep ik dat het ook via de boekhandel en boekbestelsites verkrijgbaar is.

Een fraai en rijk geïllustreerd boek. De nadruk ligt, zoals de titel al zegt, op het huis en haar bewoners en veel minder op de Copijns (en dan doel ik op de verschillende firma’s en hun werkzaamheden).
En een boek met twee leeslinten. Waar zie je dit? Maar o zo handig, want al die Copijns, Hendriken en verschillende Copijn firma’s, dan moet je de bladzijden met de overzichten er steeds even snel op na kunnen slaan.

Ter illustratie: de grond voor het huis wordt gekocht door Pieter Gerard Copijn, de eerste bewoner , en zijn vader Jan Copijn geeft zijn broer (van Jan dus) Pieter Copijn opdracht tot ontwerp van het huis. Pieter Gerard Copijn is getrouwd met zijn nicht Marretje Copijn, de dochter van de bovengenoemde Pieter Copijn. Alleen dit vraagt al om de uitgetekende stamboom, leeslint 1 dus.
Nog eentje: in de periode 1880-1900 zitten de halfbroers Hendrik (IV) Copijn en Pieter Gerard Copijn gezamenlijk in de firma Gebr. Copijn. Hierna gaat Hendrik (IV) met andere Copijns verder onder H. Copijn en zn. en Pieter gaat zelfstandig onder Pieter Gerard Copijn Jzn. voorheen Gebr. Copijn (1900-1910). Met voorgaande en navolgende firma’s Copijn vraagt ook dit om een overzicht wat steeds nageslagen kan worden, leeslint 2 dus.
En als het boek overgaat op de opeenvolgende fases van het huis en haar bewoners, dan moet een van de leeslinten over naar het overzicht van de namen van de opeenvolgende bewoners.

Enne, ter illustratie van de eerste bewoner en zijn firma de hier bijgevoegde afbeeldingen.
JH

Lia Copijn-Schukking en Marina Lameris, Welgelegen, biografie van een Copijn-huis, Groenekan/Hollandsche Rading 2010, ISBN 9789491229060, € 17,50.


Advertentie van P.G. Copijn Jz in een
                 Het nieuws van den dag : kleine courant,
nummer van het Duitse tuinbouwtijd-                22 sep 1909 (ook in Het Centrum,
schrift Die Gartenkunst (1906)                             18 en 25 sep 1909).

Facebooktwitterlinkedinmail