Tijdschrift Historische Woonsteden

Is het Tijdschrift Historische Woonsteden bekend? Mensen die dit vroeger in de bibliotheek onder de W zochten, moeten nu zoeken bij de H, want de Nederlandse naam is een tijd terug alweer veranderd van De Woonstede in Historische Woonsteden. Cascade-leden Heimerick Tromp en Ronald van Immerseel maken deel uit van de redactie. Drie interessante artikelen zijn in 2004 en 2005 van hun hand verschenen en wel:

Heimerick Tromp. Boschwijk: de tuin van de dichter Rhijnvis Feith. Aflevering Juni 2004, p. 2-15;

Heimerick Tromp. Laarwoud: de lusthof der Van Heidens: een onbekend werk van Anthonie Coulon als echo van Paleis Huis ten Bosch. Aflevering December 2005, p. 2-17;

Ronald van Immerseel. Huis ten Dijke: een verdwenen borg. Aflevering September 2005, p.10-19;

en verder van de auteur Soren Movig. De oudtse hofstede aan de Amstel [Wester Amstel]: een zoektocht naar de ontstaansgeschiedenis van de oudste Amsterdamse buitenplaats. Aflevering Juni 2005, p. 10-18.

Allen bijzonder interessante artikelen. Lezen dus. In ieder geval copieën te verkrijgen via de Biblitheek Wageningen UR. Hebben de auteurs nog wat toe te voegen?

Tuinkunst en Parken, lezing en nieuwsbrief

Ook dit studiejaar is er een cursus Tuinkunst en Parken: historie en instandhouding gestart. Een cursus om de leemte ‘monumentaal groen’ in te vullen. Met hoofdthema’s als Ontwerp en Vormgeving, Hovenierskunst en Rentmeesterschap.

De cursus kent per trimester een openbare lezing. Afgelopen 15-dec was dit de lezing ‘Hoe ga je om met historische gegevens in het huidige gebruik van historische buitenplaatsen?’ van Willem Overmars. Dit gaf aanleiding tot de weblog betreffende Meerssenhoven van 26-dec-05 en vervolgens de enthousiaste deelname van Willem aan de Cascade weblog.

De eerstvolgende lezing is één door Erik de Jong. Een titel is nog niet bekend, een datum wel , 16 maart 2006. Van 19:30 tot 21:00, Hogeschool Utrecht, Nijenoord 1 te Utrecht. Aanmelden bij kiki.holt@hu.nl

Er werd ook een digitale nieuwsbrief genoemd. Deze heb ik aangevraagd en men heeft er in toegestemd dat ik deze via de Cascade weblog aan een breder publiek beschikbaar stel.

Kaart ‘Gedeelte van Noort Kennemerlant’


Veel boeken over historische tuinen, buitenplaatsen of Kennemerland kennen een afbeelding van de kaart ‘Gedeelte van Noort Kennemerlant’ uit Het Zegepralent Kennermerlant’ van M. Brouerius van Nidek met gravures van H. de Leth. Ik bedoel dan die smalle, langwerpige kaart met al die buitenplaatsen noordelijk van Haarlem (tot Bakkum). Ik kende hem enkel in zwart-wit en nu kwam ik, op zoek naar heel iets anders, er één in kleur tegen.

Kaart 'Gedeelte van Noort Kennemerlant'


Veel boeken over historische tuinen, buitenplaatsen of Kennemerland kennen een afbeelding van de kaart ‘Gedeelte van Noort Kennemerlant’ uit Het Zegepralent Kennermerlant’ van M. Brouerius van Nidek met gravures van H. de Leth. Ik bedoel dan die smalle, langwerpige kaart met al die buitenplaatsen noordelijk van Haarlem (tot Bakkum). Ik kende hem enkel in zwart-wit en nu kwam ik, op zoek naar heel iets anders, er één in kleur tegen.

’t Joppe


Geloof nooit dat er van een bepaald park geen afbeeldingen bestaan. Er is altijd wel wat. Ook in de grote, goed geordende archieven gaan soms onontdekte schatten schuil. Deze kaart van ’t Joppe van landmeter Adn. de Geus, louwmaand 1810 zat als los inlegvelletje gevouwen in het maatboek verpondingen, Gorssel nr 13, Gelders Archief.

Maatboeken voor de verpondingen zijn een voorloper van het kadaster. De Maatboeken tekenen de percelen één voor één op, dus zonder onderlinge samenhang. Das vervelend, want je moet dan een hele boel aan elkaar gaan knutselen. Maar Adriaan de Geus was een overenthousiast type, en hij ging verder dan hij voor de opmeting van de losse percelen moest doen. Hij maakte op een los vel een hele overzichtskaart van ’t Joppe, en vouwde die in het boek. Buitengewoon plezierig was ook dat De Geus ook nog eens de kronkelpaadjes binnen de net vergraven gracht op de kaart zette.

De inkleuring met kleurpotlood is door mij gedaan: lichtgroen=bos, geel=bouwland, donkergroen=weiland

In Gelderland zijn in het GA relatief veel prekadastrale kaarten en maatboeken bewaard. Ik herinner me, dat er meer maatboeken in Oost-Gelderland waren, waarin nog meer van zulke losse vellen met details van landgoederen en parken zaten. Als iemand eens een leuk onderzoek naar onbekende primaire bronnen wil doen?

Rococo-parterre op Amerongen

Een dezer dagen ga ik een lezing geven over de geschiedenis van tuin en park van Amerongen. Ons bureau schreef in opdracht van het Bestuur van de Stichting Amerongen enkele jaren geleden een toekomstvisie voor het park binnen de muren. Nu ik alles weer eens overlees in verband met die lezing, zou ik één aspect van dat advies eens breder ter discussie willen opvoeren.

Dit gaat over de interpretatie van het vroege Rococo op Amerongen. Tijdens deze periode wordt de barok verlevendigd en verrijkt, o.a. met meer samenhangende structuren en natuurlijker plantengroei. Parterres de broderies kunnen soms van losse heesterbeplanting worden voorzien (zie het hoofdstuk over de Rococo in M. van den Broeke, Jan Arends : buitenplaatsen op Walcheren (2001). Dat een dergelijk vroeg-Rococo-element op Amerongen aanwezig is geweest werd tot heden niet onderkend.

Het is van essentieel belang om na te denken over het weer terugbrengen van een dergelijk uniek kenmerk van vroege-Rococo-tuinarchitectuur, dat niet alleen is ontworpen voor Amerongen (zie bijgaand ontwerp), maar ook inderdaad (getuige een landmeterskaart van Praalder uit 1767), in ieder geval qua structuur is uitgevoerd.

Momenteel ligt op de plaats van de Rococo-tuin een saaie grasparterre van Poortman. In dit deel van het park is weinig te beleven en de bezoeker heeft er niets te zoeken.
Wat is nu de meest gewenste en verantwoorde oplossing voor dit deel van het park? Men kan de Poortman-parterre behouden en optimaliseren; of deze opruimen (na inmeting en documentatie) en hetzij een 21-ste eeuwse reconstructie uitvoeren (maar men weet eigenlijk weinig of niets van de details) òf een nieuw hedendaags ontwerp, geïnspireerd op het Rococo-ontwerp (met diagonale en kruisvormige paden) uit ca. 1750 maken. Het meest belangrijke bij een dergelijk nieuw ontwerp is dat de sfeer en het beeld uit het Rococo in herinnering worden gebracht, zonder historiserend te werk te gaan.
De reden waarom ik hiermee een discussie wil starten is omdat dergelijke gevallen in de praktijk steeds meer voorkomen en zullen gaan voorkomen.

Als toevoeging een meer recente foto van de grasparterre (aanklikken voor een groot beeld)

De foto stamt van de site kastelen Of Castles als op Webshots, een soort publiekelijk fotoalbum.